NJB 2025/2010
Recht op mondelinge behandeling. Beraad van partijen. Benadeelde partij in een strafzaak. Een vordering van een benadeelde partij in een strafzaak wordt afgewezen. De benadeelde partij gaat in hoger beroep en vermeerdert zijn eis. Bij het civiele hof geven partijen geen instructie op de roldatum voor ‘beraad van partijen’. Het hof wijst arrest zonder ambtshalve een mondelinge behandeling te gelasten. Hoge Raad: De procedure voldoet aan de eisen van art. 6 EVRM. Art. 6 EVRM noch de eisen van een goede procesorde brengen mee dat de rechter in hoger beroep ambtshalve een mondelinge behandeling moet gelasten indien het gaat om een vordering die in eerste aanleg op een strafzitting is behandeld als een vordering benadeelde partij. Dit geldt ook indien in hoger beroep de eis wordt vermeerderd.
HR 18-07-2025, ECLI:NL:HR:2025:1153
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
18 juli 2025
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, C.E. du Perron, A.E.B. ter Heide
- Zaaknummer
24/02272
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1153, Uitspraak, Hoge Raad, 18‑07‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:317, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 14‑03‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 19‑06‑2024
- Wetingang
Essentie
Recht op mondelinge behandeling. Beraad van partijen. Benadeelde partij in een strafzaak. Een vordering van een benadeelde partij in een strafzaak wordt afgewezen. De benadeelde partij gaat in hoger beroep en vermeerdert zijn eis. Bij het civiele hof geven partijen geen instructie op de roldatum voor ‘beraad van partijen’. Het hof wijst arrest zonder ambtshalve een mondelinge behandeling te gelasten. Hoge Raad: De procedure voldoet aan de eisen van art. 6 EVRM. Art. 6 EVRM noch de eisen van een goede procesorde brengen mee dat de rechter in hoger beroep ambtshalve een mondelinge behandeling moet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.