Einde inhoudsopgave
Conversie en aandelen (VDHI nr. 149) 2018/8.3.2
8.3.2 Giralisering aandelen aan toonder
mr. P.H.N. Quist, datum 01-02-2018
- Datum
01-02-2018
- Auteur
mr. P.H.N. Quist
- JCDI
JCDI:ADS364521:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Voetnoten
Voetnoten
Heemskerk & Schim 2009, nr. 3.1.
Wet van 28 oktober 2010 tot wijziging van de Wet giraal effectenverkeer houdende uitbreiding van de bescherming aan cliënten van intermediairs inzake financiële instrumenten en het bewerkstelligen van een verdergaande vorm van dematerialisatie van effecten (Stb. 2010, 771).
Naber & Schuijling 2012, nr. 3.
Uniken Venema 2009, nr. 5.
Haentjens, T&C Ondernemingsrecht, artikel 12 Wge, aant. 2 (online, bijgewerkt 1 juli 2016).
Voorontwerp tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en de Wet giraal effectenverkeer houdende de verdergaande dematerialisatie van aandelen aan toonder en de vaststelling van de identiteit van houders van deze aandelen, via www.internetconsultatie.nl/identificatie_aandelen_aan_toonder/details.
Het Global Forum is een multilateraal samenwerkingsverband van meer dan 100 jurisdicties dat toeziet op de implementatie van de door de G-20 voorgeschreven internationale standaard op het gebied van transparantie en informatie-uitwisseling voor belastingdoeleinden. De FATF is een internationaal orgaan dat samen met de zusterorganisaties van de FATF ruim 190 jurisdicties bestrijkt. Doel van de FATF is om op mondiaal niveau het witwassen van geld, de financiering van terrorisme en andere hieraan verwante bedreigingen voor de integriteit van het internationale financiële stelsel te voorkomen en te bestrijden. De FATF heeft hiertoe 40 aanbevelingen ontwikkeld waarin internationale standaarden zijn vastgelegd die landen geacht worden te implementeren in hun nationale wet- en regelgeving en beleid – beter bekend als de FATF-aanbevelingen. Het FATF evalueert regelmatig of landen in hun regelgeving opvolging hebben gegeven aan de aanbevelingen.
Aandelen aan toonder kunnen worden opgenomen in het girale systeem. Ter beperking van de kosten verbonden aan het drukken en bewaren van effecten, administratieve lasten en veiligheidsrisico’s is echter overgegaan tot een beperkte verplichte dematerialisatie van aandelen aan toonder.1 Hierdoor kunnen aandelen aan toonder sinds de wetswijziging van 20112 (enkele uitzonderingen daargelaten) slechts nog tot een verzameldepot behoren als zij door middel van een verzamelbewijs in bewaring worden gegeven (8 lid 1 sub a Wge).3 Een verzamelbewijs is een document waarin effecten aan toonder van één soort zijn belichaamd die tot een verzameldepot behoren (1 Wge). Voordat kan worden overgegaan tot inbewaringgeving moeten de toonderbewijzen dus worden omgezet in een verzamelbewijs. Vervolgens moet het bezit van het verzamelbewijs worden verschaft aan de intermediair.
Aandelen aan toonder moeten worden ingebracht door middel van inbewaringgeving van de aandelen aan toonder aan de intermediair (art. 12 lid 1 Wge). Dit geschiedt door de inbewaringgeving van het verzamelbewijs.4 Bewaargeving van het verzamelbewijs vindt plaats door middel van bezitsverschaffing van dit stuk aan de intermediair.5 In tegenstelling tot wat de terminologie doet vermoeden is er sprake van een levering van de aandelen door middel van bezitsverschaffing. Het aandeel wordt vervolgens door de intermediair geadministreerd op de effectenrekening, waardoor de giralisering is voltooid.6
Op 31 maart 2017 is het voorontwerp gepubliceerd van een wet tot wijziging van het Burgerlijk Wetboek en de Wet giraal effectenverkeer houdende de verdergaande dematerialisatie van aandelen aan toonder en de vaststelling van de identiteit van houders van deze aandelen.7 Dit voorontwerp beoogt de identificatie van alle houders van aandelen aan toonder mogelijk te maken. Aandelen aan toonder kunnen na inwerkingtreding daarvan alleen nog worden verhandeld via een effectenrekening aangehouden bij een intermediair, zoals een bank of een beleggingsonderneming. De effectenrekening staat op naam waardoor anonieme overdracht van toonderstukken niet meer mogelijk is. Opsporingsinstanties kunnen bij intermediairs de gegevens opvragen van de houders van effectenrekeningen voor de bestrijding van belastingontduiking, witwassen en de financiering van terrorisme of andere vormen van financieel-economische criminaliteit. Dit voorontwerp geeft daarmee opvolging aan de aanbevelingen van het Global Forum on Transparency and Exchange of Information for Tax Purposes (hierna: Global Forum) en van de Financial Action Task Force (hierna: FATF)8, die zich richten op de bestrijding van belastingontduiking, witwassen en de financiering van terrorisme. De internetconsultatie is in mei 2017 gesloten. Het doel en de strekking van het voorontwerp worden breed gedragen maar in de uitwerking valt nog wel wat te doen. Zo rijst de vraag of het naast de afschaffing van toonderaandelen niet wenselijk zou zijn ook bewijzen van aandelen op naam af te schaffen. Voorts kan de vraag worden gesteld of bij het vervallen van toonderaandelen overeenkomstig de voorgestelde regeling wegens niet tijdige inbewaringgeving bij een intermediair wel voldoende rekening is gehouden met de belangen van schuldeisers en andere belanghebbenden, zoals pandhouders en vruchtgebruikers.