NJ 1956/28
Verplichting tot overwerk in mijnbedrijf t. b. v. Nat. Rampenfonds.
HR 18-11-1955, ECLI:NL:HR:1955:165, m.nt. Mr. L. E. H. Rutten
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
18 november 1955
- Magistraten
Mrs. Donner, van der Meulen, Hijink, Smits en Boltjes
- Zaaknummer
[18111955/NJ_1956-28]
- Conclusie
Mr. Langemeijer
- Noot
Mr. L. E. H. Rutten
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS167326:1
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1955:165, Uitspraak, Hoge Raad, 18‑11‑1955
- Wetingang
(BW art. 1639-1639d, 1639p.)
Essentie
Verplichting tot overwerk in mijnbedrijf t. b. v. Nat. Rampenfonds.
Samenvatting
De verplichting van de werknemer tot overwerk wordt, gelet op de beginselen vastgelegd in de artt. 1374 en 1375 B. W., welke voor de arbeidsovereenkomst in het mijn-bedrijf zo goed als voor iedere overeenkomst gelden, door de overeenkomst — binnen de perken van wet of verordening — bepaald.
Daarbij is niet nodig, dat de overeenkomst dienaangaande een uitdrukkelijke afspraak bevat.
Aan de voorschriften van § 2 der verordening van de Mijnindustrieraad van 11 juli 1949 kan slechts de strekking worden toegekend om — ter bevordering van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.