NJ 1961/364
Borgtocht tot zekerheid van reparatieverplichting. Borg zonder aanmaning in gebreke, indien de hofdschuldenaar in gebreke is? Uitdrukkelijk aangaan van de borgtocht.
HR 13-01-1961, ECLI:NL:HR:1961:131 (Bolderman e.a./Velthove)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 januari 1961
- Magistraten
Mrs. Donner, Wiarda, Houwing, Hülsmann en Petit
- Zaaknummer
[13011961/NJ_1961-364]
- Conclusie
Mr. Langemeijer
- Roepnaam
Bolderman e.a./Velthove
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1961:131, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑01‑1961
- Wetingang
(BW art. 1857-1887, 1861.)
Essentie
Borgtocht tot zekerheid van reparatieverplichting. Borg zonder aanmaning in gebreke, indien de hofdschuldenaar in gebreke is? Uitdrukkelijk aangaan van de borgtocht.
Samenvatting
De Rechtbank heeft de onderhavige overeenkomst van borgtocht aldus uitgelegd, dat de daaruit voor den borg voortvloeiende verplichting met betrekking tot de reparaties, waartoe de hoofdschuldenaar verplicht was, van geheel gelijken inhoud was als de verplichting van den hoofdschuldenaar zelven, en wel ook in dier voege, dat de borg gehouden was deze reparaties te doen geschieden binnen den tijd, waarbinnen de hoofdschuldenaar verplicht was deze te doen geschieden, zodat ook de borg daarmede in gebreke zou ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.