Inhoudsopgave
NJB 2024/2671:‘Vast, tenzij’-praktijk dwingt tot aanpassing van de wettelijke gronden voor voorlopige hechtenis in het nieuwe wetboek
NJB 2024/2671
‘Vast, tenzij’-praktijk dwingt tot aanpassing van de wettelijke gronden voor voorlopige hechtenis in het nieuwe wetboek
Documentgegevens:
Jolande uit Beijerse & Oscar Maan, datum 16-12-2024
- Datum
16-12-2024
- Auteur
Jolande uit Beijerse & Oscar Maan1
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS993415:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Strafprocesrecht / Voorfase
Materieel strafrecht (V)
Strafprocesrecht / Algemeen
Materieel strafrecht / Algemeen
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Recent werden in dit tijdschrift (NJB 2024/2011, afl. 31) voorstellen gedaan om de in de praktijk gegroeide grondhouding van ‘vast, tenzij’ bij de toepassing van de voorlopige hechtenis om te buigen. In deze bijdrage wordt onderzocht welke rol de wetgever daarin kan en moet spelen, met het oog op de in het nieuwe wetboek gecodificeerde onschuldpresumptie.
1. Inleiding
In oktober 2024 zijn de laatste boeken van het nieuwe Wetboek van Strafvordering ingediend bij de Tweede Kamer. De complete reeks van acht gemoderniseerde boeken, die klaarligt voor de parlementaire ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.