RFR 2017/35
Onrechtmatige daad. Handelen Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming onrechtmatig, nu zij de beschikking tot ondertoezichtstelling en de machtiging uithuisplaatsing ten uitvoer hebben gelegd en deze beschikking niet is betekend?
Hof Den Haag 18-10-2016, ECLI:NL:GHDHA:2016:3497
- Instantie
Hof Den Haag
- Datum
18 oktober 2016
- Magistraten
Mrs. P.B. Kamminga, L.F.A. Husson, A.J. van Montfoort
- Zaaknummer
200.130.141/01
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS925492:1
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Personen- en familierecht / Kinderbescherming
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHDHA:2016:3497, Uitspraak, Hof Den Haag, 18‑10‑2016
ECLI:NL:GHDHA:2015:1676, Uitspraak, Hof Den Haag, 16‑06‑2015
ECLI:NL:GHDHA:2014:4292, Uitspraak, Hof Den Haag, 18‑11‑2014
- Wetingang
Essentie
Onrechtmatige daad. Ondertoezichtstelling. Uithuisplaatsing.
Handelen Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming onrechtmatig, nu zij de beschikking tot ondertoezichtstelling en de machtiging uithuisplaatsing ten uitvoer hebben gelegd en deze beschikking niet is betekend? Wanneer kan aanleiding bestaan tot het stellen van een prejudiciële vraag aan het Europees Hof van Justitie?
Samenvatting
De onderhavige uitspraak is er een in een reeks van uitspraken in dezelfde zaak. Uit het huwelijk van de ouders zijn drie minderjarige kinderen in Nederland geboren, in 2007, 2008 en 2009. De kinderrechter heeft op 25 november 2011 de kinderen voorlopig en op 14 december ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.