NJB 2024/2158
Cassatie of enig ander rechtsmiddel staat – blijkens art. 6:6:7 Sv – niet open tegen een rechterlijke beslissing over de tenuitvoerlegging voor zover niet anders is bepaald in Hoofdstuk 6 van Boek 6 van het Wetboek van Strafvordering.
HR 15-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1470
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, T. Kooijmans
- Zaaknummer
24/00787 B
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1470, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:766, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 09‑07‑2024
- Wetingang
(art. 6:6:7 Sv)
Essentie
Cassatie of enig ander rechtsmiddel staat – blijkens art. 6:6:7 Sv – niet open tegen een rechterlijke beslissing over de tenuitvoerlegging voor zover niet anders is bepaald in Hoofdstuk 6 van Boek 6 van het Wetboek van Strafvordering.
Uitspraak
Inleiding
De rechtbank heeft afwijzend beslist op een verzoekschrift in de zin van art. 6:6:26 Sv strekkende tot – kort gezegd – kwijtschelding dan wel vermindering van een ontnemingsmaatregel.
Hoge Raad, o.a.
Uit artikel 6:6:7 van het Wetboek van Strafvordering volgt dat een rechterlijke beslissing over de tenuitvoerlegging, waarvan in dit geval sprake is, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.