NJ 1949/531
Het nieuwe kinderrecht en het ouderlijk vruchtgenot. Verzuim om overeenkomstig art. 182 (oud) B. W. een boedelbeschrijving op te maken. Cassatie in het belang der wet.
HR 10-06-1949, ECLI:NL:HR:1949:252, m.nt. Mr. D.J. Veegens
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 juni 1949
- Magistraten
Mrs Donner, Nypels, Hijink, van der Flier en Smits
- Zaaknummer
[10061949/NJ_1949-531]
- Noot
Mr. D.J. Veegens
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS108944:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1949:252, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑06‑1949
- Wetingang
(BW art. 361 (nieuw), 370 (oud).)
Essentie
Het nieuwe kinderrecht en het ouderlijk vruchtgenot. Verzuim om overeenkomstig art. 182 (oud) B. W. een boedelbeschrijving op te maken. Cassatie in het belang der wet.
Samenvatting
Het is aannemelijk, dat bij wijziging van de wettelijke regeling van een voortdurende rechtsbetrekking van persoonlijken aard als waarin het vruchtgenot wortelt, de nieuwe wet de strekking heeft dat van het tijdstip van inwerkingtreding af de rechtsbetrekking in bestaan en gevolgen door haar zal worden beheerst.
Nu de op 1 Sept. 1948 in werking getreden nieuwe regeling van het vruchtgenot (wet 10 Juli 1947, S. H 232) niet meer de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.