Einde inhoudsopgave
Het voorlopig getuigenverhoor (BPP nr. XVII) 2015/103
103 Geen voorlopig getuigenverhoor bij schadevergoeding op grond van Sv
Mr. E.F. Groot, datum 01-01-2015
- Datum
01-01-2015
- Auteur
Mr. E.F. Groot
- JCDI
JCDI:ADS454622:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor de zaken waarin schadevergoeding op grond van art. 89 Sv kan worden toegekend: Dane 2009, p. 90 e.v.; Stamhuis/Morra 2013 (T&C Sv), art. 89, aant. 2. Art. 89 Sv is van toepassing in geval van rechtmatige en onrechtmatige vrijheidsbeneming. HR 2 februari 1993, ECLI:NL: HR:1993:ZC9218, NJ 1993, 552, m.nt. Th.W. van Veen. De regeling van art. 89 Sv staat niet in de weg aan een vordering op grond van onrechtmatige daad. Dane 2009, p. 191 schrijft dat “het niet eerder gebruiken van de specifieke schadevergoedingsprocedure op de voet van de regeling van de artikelen 89-93 Sv, dan wel het wel gebruiken maar daarin niet ontvankelijk zijn, dan wel het gebruiken en daarbij al een (gedeeltelijke) schadevergoeding toegekend krijgen, niet in de weg staan aan ontvankelijkheid in civilibus indien de vordering is gebaseerd op onrechtmatige daad”.
Zie voor de te vergoeden kosten: Pelser 2013 (T&C Sv), art. 591 Sv, aant. 2.
Er zijn verschillende bepalingen in Sv die de gewezen verdachte de mogelijkheid geven tot het verkrijgen van een schadevergoeding. De verdachte is aangewezen op deze bepalingen als zijn onschuld niet uit het strafdossier blijkt.1Art. 89 lid 1 Sv geeft – kort gezegd – recht op een vergoeding van materiële en immateriële schade ten gevolge van ondergane verzekering, klinische observatie of voorlopige hechtenis als de zaak eindigt zonder straf of maatregel dan wel met een straf of maatregel, maar op grond van een feit waarvoor voorlopige hechtenis niet is toegelaten.2 Op grond van art. 591 Sv kunnen proceskosten, die ingevolge de Wet tarieven in strafzaken ten laste van de gewezen verdachte zijn gekomen, worden vergoed, zoals bijvoorbeeld vergoedingen voor getuigen.3 De reis- en verblijfkosten en kosten van tijdverzuim die de verdachte zelf heeft gemaakt en de kosten van zijn raadsman komen voor vergoeding in aanmerking op grond van art. 591a Sv, mits de zaak is geëindigd zonder oplegging van een straf of maatregel en zonder dat de toepassing is gegeven aan art. 9a Sr (schuldigverklaring zonder strafoplegging). De genoemde drie mogelijkheden betreffen procedures bij de strafrechter; in het kader van deze niet-civiele procedures kan dan ook geen voorlopig getuigenverhoor worden bevolen.