Hof Amsterdam, 30-08-2018, nr. 200.189.798/01 OK
ECLI:NL:GHAMS:2018:3276
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
30-08-2018
- Zaaknummer
200.189.798/01 OK
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:GHAMS:2018:3276, Uitspraak, Hof Amsterdam, 30‑08‑2018; (Eerste aanleg - meervoudig)
ECLI:NL:GHAMS:2016:3989, Uitspraak, Hof Amsterdam, 28‑09‑2016; (Eerste aanleg - meervoudig)
ECLI:NL:GHAMS:2016:3988, Uitspraak, Hof Amsterdam, 22‑09‑2016; (Eerste aanleg - meervoudig)
- Wetingang
art. 350 Burgerlijk Wetboek Boek 2
art. 345 Burgerlijk Wetboek Boek 2
- Vindplaatsen
AR 2016/3263
Uitspraak 30‑08‑2018
Inhoudsindicatie
enquêterecht; de Ondernemingskamer bepaalt de vergoeding van de onderzoeker, beëindigt het onderzoek en heft de getroffen onmiddellijke voorziening op
Partij(en)
beschikking
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.189.798/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 30 augustus 2018
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ESCORPIO B.V.,
gevestigd te ’s-Gravenzande,
VERZOEKSTER,
advocaat: mr. M.W. Renzen, kantoorhoudende te Rotterdam,
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE BEHEER B.V.,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE PERSONEELSBEMIDDELING B.V.,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE PERSONEEL B.V.,
alle gevestigd te Rijswijk,
VERWEERSTERS,
advocaten: mr. J.L. Oudshoorn en mr. A.S. Douma, beiden kantoorhoudende te Rijswijk.
1. Het verloop van het geding
1.1
In het vervolg zullen partijen als volgt worden aangeduid:
- -
verzoekster met Escorpio;
- -
verweersters afzonderlijk met Blue Beheer, Blue Personeelsbemiddeling en Blue Personeel en gezamenlijk met Blue Beheer c.s.
1.2
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar de beschikkingen van 22 en 28 september 2016.
1.3
Bij de beschikking van 22 september 2016 heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling over de periode vanaf 8 januari 2014, een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten, het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vastgesteld op € 30.000, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen, en bepaald dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van Blue Beheer. Tevens is bij die beschikking bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot bestuurder van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling.
Bij de beschikking van 28 september 2016 heeft de Ondernemingskamer mr. F.H. Tiethoff te ’s-Gravenhage (hierna: Tiethoff) en mr. C.F. Mijs te Rotterdam (hierna: Mijs) aangewezen als respectievelijk onderzoeker en bestuurder, een en ander zoals bedoeld in de beschikking van 22 september 2016.
1.4
Mr. Renzen voormeld heeft bij brief aan de Ondernemingskamer van 31 juli 2018 gemeld dat partijen een regeling hebben getroffen, waardoor Escorpio geen belang meer heeft bij voortzetting van het bevolen onderzoek en de bij wijze van onmiddellijke voorziening benoemde bestuurder. Tegen een verzoek tot ontslag van Tiethoff en Mijs zou Escorpio geen bezwaar hebben.
1.5
Mr. Oudshoorn voormeld heeft bij brief aan de Ondernemingskamer van 1 augustus 2018 te kennen gegeven dat Blue Beheer c.s. de inhoud en strekking van de brief van mr. Renzen bevestigt, zodat tot beëindiging van het onderzoek en tot ontslag van Tiethoff en Mijs kan worden overgegaan.
1.6
Tiethoff heeft bij brief, met specificatie, van 6 augustus 2018 de Ondernemingskamer verzocht de kosten van het onderzoek, met inbegrip van die van Sman Business Value te Amsterdam te bepalen op € 17.450, te vermeerderen met de verschuldigde btw. Tiethoff heeft een kopie van die brief aan partijen en Mijs gezonden.
1.7
Mijs heeft bij brief van 16 augustus 2018 de Ondernemingskamer verzocht hem ontslag te verlenen als bestuurder van Blue Beheer en Blue Personeelsbemiddeling. Tevens heeft hij kenbaar gemaakt zijn medewerking te zullen verlenen aan beëindiging van de enquêteprocedure en dat zijn kosten en die van door hem ingeschakelde derden zijn voldaan.
1.8
Tiethoff heeft bij brief van 20 augustus 2018 aan de Ondernemingskamer bevestigd dat het onderzoek wat hem betreft kan worden beëindigd.
1.9
Partijen hebben geen gebruik gemaakt van de hen geboden gelegenheid zich uit te laten over het verzoek van Tiethoff.
2. De gronden van de beslissing
2.1
Nu partijen eenparig te kennen hebben gegeven dat een oplossing van het geschil tussen hen is bereikt en zij een verzoek hebben gedaan dat strekt tot beëindiging van het bevolen onderzoek en tot opheffing van de onmiddellijke voorziening, Tiethoff en Mijs te kennen hebben gegeven met beëindiging van het onderzoek in te kunnen stemmen en Mijs de Ondernemingskamer heeft verzocht de onmiddellijke voorziening op te heffen, zal de Ondernemingskamer dienovereenkomstig beslissen.
2.2
Tegen het door de onderzoeker gedeclareerde bedrag aan onderzoekskosten zijn geen bezwaren aangevoerd. Dit bedrag komt de Ondernemingskamer ook niet onredelijk voor. De Ondernemingskamer zal de vergoeding van de onderzoeker overeenkomstig artikel 2:350 lid 3 BW dan ook bepalen als hierna te vermelden.
3. De beslissing
De Ondernemingskamer:
bepaalt de vergoeding van de onderzoeker op € 17.450, de daarover verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen;
beëindigt, met ingang van heden, het bij beschikking van 22 september 2016 bevolen onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer B.V. en Blue Personeelsbemiddeling B.V.;
heft op, met ingang van heden, de bij beschikking van 22 september 2016 getroffen onmiddellijke voorziening;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. drs. E. Eeftink RA en drs. C. Smits-Nusteling RC, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 30 augustus 2018.
Uitspraak 28‑09‑2016
Inhoudsindicatie
OK; enquêterecht; aanwijzing van een onderzoeker en een bestuurder
Partij(en)
beschikking
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.189.798/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 28 september 2016
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ESCORPIO B.V.,
gevestigd te ’s-Gravenzande,
VERZOEKSTER,
advocaat: mr. M.W. Renzen, kantoorhoudende te Rotterdam,
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE BEHEER B.V.,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE PERSONEELSBEMIDDELING B.V.,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE PERSONEEL B.V.,
alle gevestigd te Rijswijk,
VERWEERSTERS,
advocaten: mr. J.L. Oudshoorn en mr. A.S. Douma, beiden kantoorhoudende te Rijswijk.
1. Het verloop van het geding
1.1
In het vervolg zullen verweersters 1 en 2 (ook) worden aangeduid met Blue Beheer en Blue Personeelsbemiddeling.
1.2
Voor het verloop van het geding verwijst de Ondernemingskamer naar de beschikking van 22 september 2016.
1.3
Bij die beschikking heeft de Ondernemingskamer een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling over de periode vanaf 8 januari 2014 en is een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd teneinde het onderzoek te verrichten. Tevens is bij die beschikking bij wijze van onmiddellijke voorziening en vooralsnog voor de duur van het geding een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon benoemd tot bestuurder van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling.
2. De gronden van de beslissing
De Ondernemingskamer zal thans de hierna te vermelden personen aanwijzen als respectievelijk onderzoeker en bestuurder, een en ander zoals bedoeld in de beschikking van 22 september 2016.
3. De beslissing
De Ondernemingskamer:
wijst aan als onderzoeker zoals bedoeld in de beschikking van 22 september 2016 in deze zaak: mr. F.H. Tiethoff te 's-Gravenhage;
wijst aan als bestuurder zoals bedoeld in de beschikking van 22 september 2016 in deze zaak: mr. C.F. Mijs te Rotterdam;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. drs. E. Eeftink RA en drs. C. Smits-Nusteling RC, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en uitgesproken door de jongste raadsheer ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 28 september 2016.
Uitspraak 22‑09‑2016
Inhoudsindicatie
OK; enquêterecht; er wordt een onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken; bij wijze van onmiddellijke voorziening wordt een bestuurder benoemd
Partij(en)
beschikking
GERECHTSHOF TE AMSTERDAM
ONDERNEMINGSKAMER
zaaknummer: 200.189.798/01 OK
beschikking van de Ondernemingskamer van 22 september 2016
inzake
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ESCORPIO B.V.,
gevestigd te ’s-Gravenzande,
VERZOEKSTER,
advocaat: mr. M.W. Renzen, kantoorhoudende te Rotterdam,
t e g e n
1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE BEHEER B.V.,
2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE PERSONEELSBEMIDDELING B.V.,
3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
BLUE PERSONEEL B.V.,
alle gevestigd te Rijswijk,
VERWEERSTERS,
advocaten: mr. J.L. Oudshoorn en mr. A.S. Douma, beiden kantoorhoudende te Rijswijk.
1. Het verloop van het geding
1.1
In het vervolg zullen partijen als volgt worden aangeduid:
- -
verzoekster met Escorpio;
- -
verweersters afzonderlijk met Blue Beheer, Blue Personeelsbemiddeling en Blue Personeel en gezamenlijk met Blue Beheer c.s.
1.2
Escorpio heeft bij op 21 april 2016 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verzoekschrift met producties de Ondernemingskamer verzocht, bij beschikking uitvoerbaar bij voorraad, een onderzoek te bevelen naar het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer c.s. over de periode vanaf 1 januari 2013 tot de datum van het verzoekschrift. Daarbij heeft zij tevens verzocht - zakelijk weergegeven - bij wijze van onmiddellijke voorziening, voor de duur van het geding, bij Blue Beheer een tweede bestuurder te benoemen zonder wie Blue Beheer en haar dochtervennootschappen niet kunnen worden gebonden, alsmede dat Blue Beheer wordt veroordeeld in de kosten.
1.3
Blue Beheer c.s. heeft bij op 2 juni 2016 ter griffie van de Ondernemingskamer ingekomen verweerschrift met producties de Ondernemingskamer verzocht het verzoek af te wijzen, althans Escorpio niet ontvankelijk te verklaren, met veroordeling van Escorpio in de kosten van het geding.
1.4
De verzoeken zijn behandeld ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 23 juni 2016. Bij die gelegenheid hebben de advocaten de standpunten van de onderscheiden partijen toegelicht – in het geval van mr. Renzen aan de hand van aan de Ondernemingskamer en de wederpartij overgelegde aantekeningen – onder overlegging van op voorhand aan de Ondernemingskamer en de wederpartij gezonden nadere producties. Daarbij heeft Escorpio haar verzoek verminderd, in die zin dat zij thans verzoekt het onderzoek eerst op 8 januari 2014 te laten aanvangen, alsmede het niet tot Blue Personeel te laten uitstrekken. Partijen en hun advocaten hebben vragen van de Ondernemingskamer beantwoord en inlichtingen verstrekt. Ter zitting hebben partijen verzocht de uitspraak aan te houden teneinde mediation tussen hen een kans van slagen te geven.
1.5
Bij bericht van 27 juni 2016 heeft Escorpio laten weten dat mediation niet tot een oplossing van het geschil zal leiden en daarom achterwege blijft; zij heeft de Ondernemingskamer verzocht een beschikking te wijzen.
2. De feiten
De Ondernemingskamer gaat uit van de volgende feiten:
2.1
Op 25 augustus 2004 is de rechtsvoorgangster van Blue Personeelsbemiddeling opgericht. Sinds 5 december 2007 hielden Escorpio en de vennootschap naar het recht van Curaçao Wide Vision N.V. (hierna Wide Vision) de aandelen in die vennootschap. Bestuurder en enig aandeelhouder van Escorpio is [A] (hierna [A] ) en de uiteindelijk belanghebbende achter Wide Vision is [B] (hierna: [B] ).
2.2
Op 30 oktober 2008 is Blue Holding B.V. (hierna Blue Holding) opgericht. Sinds de oprichting hield Escorpio 40% van de aandelen in het geplaatste kapitaal en Wide Vision de overige 60%. Blue Holding fungeerde als houdstermaatschappij ten behoeve van werkmaatschappijen die zich richtten op uitzend- en schoonmaakactiviteiten; zij is onder meer alle aandelen in het geplaatste kapitaal van Blue Personeelsbemiddeling en van Blue Personeelsbemiddeling Delft B.V (hierna Blue Delft) gaan houden. [B] is middellijk bestuurder van Blue Holding.
2.3
Op 11 mei 2011 is Blue Beheer opgericht. Escorpio houdt 30% van de aandelen in het geplaatste kapitaal van Blue Beheer. EK Holding B.V. (hierna: EK Holding, voorheen geheten E&J Holding B.V.) houdt 19% en Wide Vision houdt 51% van de aandelen in het geplaatste kapitaal. Bestuurders van Blue Beheer werden EK Holding en Escorpio; bestuurder van EK Holding is [C] (hierna: [C] ), de voormalige levenspartner van [B] . Op 12 juli 2011 zijn de aandelen in het geplaatste kapitaal van Blue Personeelsbemiddeling alsmede in Blue Delft door Blue Holding aan Blue Beheer overgedragen.
2.4
Blue Beheer hield sinds 8 september 2011 70% van de aandelen in het geplaatste kapitaal van Blue Facilitair B.V. (hierna: Blue Facilitair). De overige aandelen werden gehouden door MSC Facilitair B.V. (hierna MSC).
2.5
Eind 2013 heeft Escorpio een groot deel van haar aandelen in het geplaatste kapitaal van Blue Holding verkocht aan EK Holding.
2.6
Op 8 januari 2014 heeft [A] per e-mail aan [B] gevraagd of die de aandelentransactie nu zo heeft verzorgd dat [C] en [A] een even groot aandelenpakket hebben. In reactie hierop heeft [B] geschreven: “jij hebt alles zelf ter tekening en goedkeuring voorgelegd gekregen de aandelenverhoudingen staan daar expliciet in benoemd. En nee die verhoudingen liggen in Blue Holding niet gelijk (…) [D] [Ondernemingskamer: [D] ] trekt de schoonmaak. Jij het uitzenden (…) Zelf ben ik van mening dat jij er helemaal uit zou moeten als aandeelhouder. Maar omdat het voor jou belangrijk is er deel van te blijven, heb ik dat gerespecteerd en is het zoals het nu is (…)” [A] heeft [B] vervolgens diezelfde dag geantwoord: “Helder en helemaal mee eens!”
2.7
In een notitie van de hand van [B] van 16 mei 2014 als toelichting op een agendapunt van een algemene vergadering van aandeelhouders is onder meer het volgende opgenomen:
“In het kader van diverse op handen zijnde veranderingen en toekomstige risico’s qua arbeidsrechtelijke verplichtingen wil ik tot een gescheiden ondernemingsstructuur komen qua schoonmaak en uitzenden. 1) Verkoop 5% Blue Holding B.V. aandelen zoals gehouden door Escorpio B.V. aan Wide Vision N.V. 2) Uit dividenden Blue Facilitair B.V. en [E] aandelen zoals gehouden door: 30% MSC Facilitair B.V. en 70% Blue Beheer B.V. verkopen aan Blue Holding B.V. Onder Blue Beheer B.V. blijft hangen: 100% Blue Personeelsbemiddeling B.V., 100% Blue Personeelsbemiddeling Delft B.V., 51% Blue Online B.V. Betreft uitzenden. Onder Blue Holding B.V. hangt dan: 100% Blue Facilitair B.V., 100% [E] , 100% [F] Betreft schoonmaak.”
2.8
Op 5 juni 2014 heeft Escorpio het restant van haar aandelen in Blue Holding verkocht aan Wide Vision.
2.9
In diverse e-mail- en WhatsAppberichten heeft [A] zich laatdunkend uitgelaten over het werk, medewerkers, een klant en [B] .
2.10
Op 18 december 2014 heeft Blue Holding alle aandelen in het geplaatste kapitaal van Blue Facilitair verkregen van Blue Beheer en MSC tegen een koopsom van € 50.000. Tevens heeft zij die dag alle aandelen van Blue Beheer in het geplaatste kapitaal van Blue Delft voor een bedrag van € 1 verkregen. Voorts is op deze datum Blue Personeel B.V. (hierna Blue Personeel) opgericht. Blue Beheer houdt alle aandelen in het geplaatste kapitaal van Blue Personeel.
2.11
Bij brief van 29 mei 2015 heeft [B] namens Blue Beheer aan [A] onder meer het volgende geschreven:
“Eens in de zoveel tijd analyseer ik het verleden en evalueer ik de opgedane inzichten en ervaringen naar de toekomst. Het gehele bedrijfsbelang in ogenschouw genomen en de gewenste ontwikkelingen daarin ben ik tot navolgende slotsom gekomen. Blue Personeelsbemiddeling B.V. (BPB) dient z.s.m. haar oorspronkelijke omzet te gaan organiseren en beheren. Een en ander impliceert dat klantnummers 441 (Haga), 443 (MSC), 560 ( [E] ), 562 (Blue Facilitair B.V.), 651 ( [F] ) en 683 (Haga Ziekenhuis) geen personeel meer zal inlenen bij BPB. Op deze wijze zijn Blue Holding B.V. (BHO) en Blue Beheer B.V. (BBE) volledig losgekoppeld, als ook organisatorisch en procesmatig gescheiden. BPB kan zich dan volledig concentreren op haar eigen klanten zonder vervuiling van de andere activiteiten. (…) Met vriendelijke groet, Blue Beheer B.V, [B] .”
Aan dit voornemen is uitvoering gegeven: genoemde klanten hebben geen gebruik meer gemaakt van de diensten van Blue Personeelsbemiddeling en huren hun uitzendkrachten vanaf dat moment in via Blue Delft, inmiddels een dochteronderneming van Blue Holding. De uitzendkrachten die in loondienst van Blue Personeelsbemiddeling waren, zijn overgeschreven naar Blue Delft. Blue Delft handelt (ook) onder de naam [G] .
2.12
[A] heeft bij schrijven van 30 juni 2015 zijn ongenoegen geuit over deze gang van zaken, ten gevolge waarvan Blue Personeelsbemiddeling naar zijn zeggen een belangrijk deel van haar klanten en daarmee omzet ontnomen werd. Volgens [A] komt het besluit van [B] neer op een splitsing tussen Blue Holding en Blue Beheer en heeft [B] dit besluit ten onrechte zonder overleg genomen. Naar aanleiding van deze brief hebben [B] en [A] op 24 juli 2015 een bespreking gehad. Op 30 juli 2015 heeft [B] (namens Blue Holding) aan [A] geschreven: “Ik heb jou uitgelegd hoe een en ander tot stand is gekomen, welke motivaties er mee spelen etc etc. (…) Jouw te bespreken onderwerpen (…) sta ik niet voor open en kies dan voor een verdere formele schriftelijke afwikkeling. Het is verder aan jou. (…)
2.13
Een aangetekend schrijven, gedateerd 9 oktober 2015, van [B] namens Blue Holding aan [A] houdt onder meer het volgende in:
“Ik geef wederom, maar voor een laatste maal handreiking om tot consensus te komen en wel onder de navolgende condities: (…) geen negatieve wanklanken richting collega’s en/of zakenrelaties (…). Inmiddels heb ik over de afgelopen maanden tot twee maal toe een handreiking gegeven onderhavige situatie in de kiem te smoren. Beide gelegenheden zijn door jou (…) voorbij laten gaan. Het is nu dan ook voor een laatste maal dat ik tracht een compromis te vinden.”
2.14
Bij brief van 13 oktober 2015 heeft mr. Renzen namens Escorpio bezwaren geuit over (de uitvoering van) het door [B] genomen besluit zoals beschreven in de brief van [B] van 29 mei 2015.
2.15
Bij e-mail van 26 oktober 2015 heeft [A] zich ziek gemeld “door de ontstane ontwikkelingen van afgelopen periode.”
2.16
Op verzoek van Wide Vision en EK Holding is een algemene vergadering van aandeelhouders van Blue Beheer gepland voor 9 november 2015 met als enig agendapunt het ontslag van Escorpio als statutair bestuurder van Blue Beheer. Voorafgaand aan die vergadering, bij brief van 4 november 2015, heeft Escorpio ontslag genomen als statutair bestuurder van Blue Beheer.
2.17
Escorpio heeft bij brief van 10 december 2015 onder verwijzing naar haar brief van 13 oktober 2015 haar bezwaren tegen het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer kenbaar gemaakt aangaande “het schuiven tussen Holding en Beheer van omzet en kosten”. Namens Blue Beheer en Blue Holding heeft [B] bij e-mail van 28 januari 2016 toegezegd dat die brief uiterlijk 21 februari 2016 zou worden beantwoord.
2.18
Op 30 januari 2016 heeft een algemene vergadering van aandeelhouders van Blue Beheer plaatsgehad. Blijkens de notulen van die vergadering is op onderdelen toegezegd dat antwoorden op vragen van Escorpio zouden volgen.
2.19
Beantwoording van de gestelde vragen is uitgebleven.
3. De gronden van de beslissing
3.1
Escorpio heeft aan haar verzoek ten grondslag gelegd dat er gegronde redenen zijn voor twijfel aan een juist beleid en een juiste gang van zaken van Blue Beheer c.s. en dat gelet op de toestand van de vennootschap onmiddellijke voorzieningen dienen te worden getroffen. Ter toelichting heeft zij – kort samengevat – de volgende bezwaren naar voren gebracht:
- a.
de verkoop van de deelnemingen Blue Delft en Blue Facilitair tegen boekwaarde was onzakelijk en niet in het belang van Blue Beheer – aangezien de marktwaarde veel hoger was – en heeft blijkens de jaarrekening 2014 van Blue Beheer geleid tot een enorme afname van omzet en marge;
- b.
zonder vergoeding is een kwart van de omzet van Blue Personeelsbemiddeling naar Blue Delft en daarmee van Blue Beheer naar Blue Holding geleid. Feitelijk bestuurder [B] lijkt zich daarmee schuldig te maken aan belangenverstrengeling;
- c.
de wijze waarop kosten worden doorbelast is ondoorzichtig: terwijl door de verkoop van de deelnemingen een groot deel van de omzet is verdwenen, zijn de “doorberekende kosten” (genormaliseerd, zonder die deelnemingen) van € 300.872 in 2013 gestegen naar € 555.000 in 2014. Waar deze stijging uit voortvloeit en hoe deze post is samengesteld, is niet toegelicht. Ook de huisvestingkosten zijn onrealistisch hoog;
- d.
e besluitvorming is ondoorzichtig – schriftelijke bestuursbesluiten ontbreken – en de informatievoorziening is gebrekkig.
3.2
Blue Beheer c.s. hebben primair aangevoerd dat Escorpio niet ontvankelijk is in haar verzoek, omdat zij ten onrechte niet de antwoorden op haar bezwaren heeft afgewacht, maar rauwelijks het verzoekschrift heeft ingediend. Met betrekking tot het verzoek ten aanzien van Blue Personeelsbemiddeling en Blue Personeel is Escorpio niet ontvankelijk, omdat zij in die vennootschappen geen aandeelhouder is, aldus Blue Beheer c.s.
3.3
De Ondernemingskamer overweegt als volgt. Escorpio heeft reeds bij brief van 13 oktober 2015 bezwaren geuit, naar welke brief zij heeft verwezen in haar brief van 10 december 2015. Gelet hierop kan niet worden gezegd dat Blue Beheer rauwelijks in rechte is betrokken. Het verweer dat Escorpio niet zou hebben voldaan aan het vereiste van artikel 2:349 BW is daarmee verworpen. Ter zitting daarnaar gevraagd, heeft [C] (als indirect bestuurder van Blue Beheer) overigens erkend dat op de toegezegde datum, 21 februari 2016, nog geen antwoord was gegeven op de brief van 10 december 2015 van Escorpio; ook nadien zijn antwoorden uitgebleven. Het verwijt van Blue Beheer c.s. dat de antwoorden niet zijn afgewacht – wat daarvan ook de relevantie is – is gelet hierop niet op zijn plaats.
3.4
Met betrekking tot het verweer dat Escorpio niet ontvankelijk is ten aanzien van de dochtervennootschappen geldt het volgende. Ter zitting heeft Escorpio het verzoek betreffende Blue Personeel ingetrokken, zodat het verweer met betrekking tot die vennootschap geen bespreking meer behoeft. Ten aanzien van de met Blue Beheer verbonden vennootschap Blue Personeelsbemiddeling overweegt de Ondernemingskamer dat uit de feiten blijkt dat deze vennootschappen samen een economische en organisatorische eenheid vormen onder gemeenschappelijke leiding; Blue Beheer is enig aandeelhouder van Blue Personeelsbemiddeling, de bestuurder van Blue Beheer, EK Holding, is ook enig bestuurder van Blue Personeelsbemiddeling, Blue Personeelsbemiddeling voert geen zelfstandig beleid en de activiteiten van de vennootschappen zijn onderling nauw verweven. Het beleid en de gang van zaken van die dochtermaatschappij raakt de belangen van Escorpio als aandeelhouder van Blue Beheer evenzeer en op gelijke wijze als het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer zelf. Gelet op doel en strekking van het enquêterecht is Escorpio daarom ook ontvankelijk in haar verzoek voor zover dat betrekking heeft op Blue Personeelsbemiddeling.
3.5
Blue Beheer c.s. hebben ook inhoudelijk verweer gevoerd. De Ondernemingskamer zal hieronder waar nodig op dit verweer ingaan.
3.6
De Ondernemingskamer stelt voorop dat de formele bestuursverantwoordelijkheid binnen Blue Beheer en Blue Personeelsbemiddeling afwijkt van de feitelijke: [B] is weliswaar geen statutair bestuurder van Blue Beheer, maar hij moet, gelet op de uitlatingen ter zitting van [C] en gelet op de feiten zoals weergegeven onder 2.6, 2.7 en 2.11 tot en met 2.13, worden gezien als feitelijk beleidsbepaler van het beleid in beide vennootschappen. Dit brengt mee dat [B] in zijn hoedanigheid van feitelijk beleidsbepaler zal worden betrokken bij de vraag of er gegronde redenen zijn om aan een juist beleid en een juiste gang van zaken van Blue Beheer en Blue Personeelsbemiddeling te twijfelen.
3.7
De Ondernemingskamer oordeelt als volgt. De gang van zaken rondom de verkoop van de werkmaatschappijen levert gegronde redenen op voor twijfel over het door Blue Beheer gevoerde beleid. De waarderingen ten behoeve van de verhanging van Blue Facilitair en Blue Delft van Blue Beheer naar Blue Holding zijn enkel gebaseerd op het eigen vermogen; een onafhankelijk waarderingsrapport ontbreekt. Het feit dat eerdere transacties tussen de groepsvennootschappen ook telkens tegen boekwaarde zijn gedaan, kan de twijfel of de bewuste aandelentransacties van 18 december 2014 in het belang van de onderneming van Blue Beheer waren niet wegnemen. Dat [A] het er volgens Blue Beheer c.s. door zijn modus operandi zelf naar gemaakt had dat Blue Delft aan Blue Holding is overgedragen, doet evenmin af aan de twijfel omtrent de zakelijkheid van die transactie. De groeistrategie van de groep als geheel kan daarvoor geen toereikende rechtvaardiging zijn, nu de aandeelhouders van Blue Holding niet dezelfde zijn als die van Blue Beheer: sinds 5 juni 2014 heeft Escorpio geen belang meer in Blue Holding.
3.8
Vaststaat voorts dat voor het overbrengen van de omzet van zes grote klanten van Blue Personeelsbemiddeling naar Blue Delft, inmiddels dochtermaatschappij van Blue Holding, geen enkele vergoeding is betaald. Ook dit vormt een reden te twijfelen aan een juist beleid en een juiste gang van zaken. Het standpunt van Blue Beheer c.s., dat dit de keuzevrijheid was van ontevreden klanten, lijkt niet te stroken met de inhoud van de e-mail van [B] van 29 mei 2015 (zie 2.11), waarin hij de overbrenging van die klanten immers onomwonden als zijn keuze verwoordt.
3.9
Uit de stukken en uit het ter zitting verhandelde blijkt voorts dat het binnen de vennootschappen ontbreekt aan een deugdelijke vastlegging van bestuursbesluiten. Daarnaast is de doorbelasting van kosten tussen de diverse Blue-vennootschappen ondoorzichtig; ter zitting daarnaar gevraagd is namens Blue Beheer c.s. gesteld dat de centralisatie van kosten sinds 2013 niet is gewijzigd, maar dat het voor 2014 niet meer te doen was dat onderbouwd in kaart te brengen. Gerichte vragen van Escorpio om een onderbouwing van de – deels substantieel verhoogde – kosten zijn grotendeels onbeantwoord gebleven. Bij deze stand van zaken dringt de vraag zich op of de doorbelasting van de kosten wel at arm’s length is (geweest).
3.10
De slotsom luidt dat er gegronde redenen zijn om te twijfelen aan juist beleid en een juiste gang van zaken van Blue Beheer en Blue Personeelsbemiddeling, die een onderzoek rechtvaardigen. Zij zal een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling vanaf 8 januari 2014 bevelen, dat zich met name richt op hetgeen onder 3.7 tot en met 3.9 is overwogen. De aan te wijzen onderzoeker zal ook de rol van gewezen statutair bestuurder Escorpio tot zijn onderzoeksterrein mogen rekenen, gelet op het gemotiveerde verwijt van Blue Beheer c.s. dat die rol passief is geweest en dat indirect bestuurder [A] geen interesse toonde voor bestuurstaken.
3.11
De door Escorpio verzochte onmiddellijke voorziening ziet naar het oordeel van de Ondernemingskamer, gelet op de strekking zoals verwoord in het petitum, ook op Blue Personeelsbemiddeling. De Ondernemingskamer acht het met het oog op de toestand van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling, zoals die blijkt uit de voorgaande overwegingen, noodzakelijk om bij wijze van onmiddellijke voorziening een derde als bestuurder van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling te benoemen aan wie in het bestuur van Blue Beheer en van Blue Personeelsbemiddeling – voor zover nodig in afwijking van de statuten – een beslissende stem toekomt en die zelfstandig bevoegd is Blue Beheer en Blue Personeelsbemiddeling te vertegenwoordigen. Zonder deze bestuurder kunnen de vennootschappen niet worden vertegenwoordigd. Dit betekent dat EK Holding niet langer zelfstandig bevoegd bestuurder is.
3.12
De Ondernemingskamer zal de kosten van het onderzoek en de te benoemen bestuurder ten laste brengen van Blue Beheer.
3.13
Voor het treffen van meer of andere onmiddellijke voorzieningen is naar het oordeel van de Ondernemingskamer geen grond.
3.14
De Ondernemingskamer zal Blue Beheer als de overwegend in het ongelijk gestelde partij, veroordelen in de kosten van het geding.
4. De beslissing
De Ondernemingskamer:
beveelt een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van Blue Beheer B.V. en naar het beleid en de gang van zaken van Blue Personeelsbemiddeling B.V. over de periode vanaf 8 januari 2014;
benoemt een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon teneinde het onderzoek te verrichten;
stelt het bedrag dat het onderzoek ten hoogste mag kosten vast op € 30.000, de verschuldigde omzetbelasting daarin niet begrepen;
bepaalt dat de kosten van het onderzoek ten laste komen van Blue Beheer B.V. en dat zij voor de betaling daarvan ten genoegen van de onderzoeker voor de aanvang van diens werkzaamheden zekerheid dient te stellen;
benoemt mr. A.J. Wolfs tot raadsheer-commissaris, zoals bedoeld in artikel 2:350 lid 4 BW;
benoemt bij wijze van onmiddellijke voorziening met onmiddellijke ingang en vooralsnog voor de duur van het geding een nader aan te wijzen en aan partijen bekend te maken persoon tot bestuurder van Blue Beheer B.V. en tot bestuurder van Blue Personeelsbemiddeling B.V., telkens met beslissende stem en bepaalt dat deze bestuurder zelfstandig bevoegd is Blue Beheer B.V. en Blue Personeelsbemiddeling B.V. te vertegenwoordigen en dat Blue Beheer B.V. en Blue Personeelsbemiddeling B.V niet zonder deze bestuurder kunnen worden vertegenwoordigd;
bepaalt dat het salaris en de kosten van deze bestuurder ten laste komen van Blue Beheer B.V. en bepaalt dat Blue Beheer B.V. voor de betaling daarvan ten genoegen van de bestuurder zekerheid dient te stellen vóór de aanvang van diens werkzaamheden;
veroordeelt Blue Beheer B.V. in de kosten van het geding tot op heden aan de zijde van Escorpio B.V. begroot op € 3.400;
wijst af hetgeen meer of anders is verzocht;
verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.
Deze beschikking is gegeven door mr. A.M.L. Broekhuijsen-Molenaar, voorzitter, mr. J. den Boer en mr. A.J. Wolfs, raadsheren, en prof. drs. E. Eeftink RA en drs. C. Smits-Nusteling RC, raden, in tegenwoordigheid van mr. F.L.A. Straathof, griffier, en uitgesproken door de jongste raadsheer ter openbare terechtzitting van de Ondernemingskamer van 22 september 2016.