NJF 2025/54
Termijnoverschrijding. Rechtsmiddelentermijn. Beschikking. Hoger beroep. Ontvankelijkheid. Evenredigheidsbeginsel. Bestuursprocesrecht.
Hof Amsterdam 10-12-2024, ECLI:NL:GHAMS:2024:3388
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
10 december 2024
- Magistraten
Mrs. A.V.T. de Bie, M.T. Hoogland, A.R. van Wieren
- Zaaknummer
200.337.808/01 en 200.337.809/01
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Personen- en familierecht / Familieprocesrecht
Burgerlijk procesrecht / Hoger beroep
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2024:3388, Uitspraak, Hof Amsterdam, 10‑12‑2024
- Wetingang
Art. 806 lid 1 aanhef en onder a Rv
Essentie
Termijnoverschrijding. Rechtsmiddelentermijn. Beschikking. Hoger beroep. Ontvankelijkheid. Evenredigheidsbeginsel. Bestuursprocesrecht.
Redactie: De uitspraak is interessant omdat (tevergeefs) wordt geprobeerd een nieuwe (soepelere) koers rondom verschoonbare termijnoverschrijdingen ingang te doen vinden.
Samenvatting
De rechtbank heeft in de bestreden beschikking het gezag van de moeder over het kind beëindigd en een omgangsregeling tussen de moeder en het kind vastgesteld. De moeder is daartegen in hoger beroep gekomen op 16 februari 2024. Dat is meer dan drie maanden na de dag van de uitspraak (achttien dagen). Om die reden buigt het hof zich ambtshalve over de vraag of het hoger beroep tijdig is ingesteld. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.