Einde inhoudsopgave
De collateral richtlijn (R&P nr. FR12) 2015/5.5
5.5 Conclusie
Dr. J. Diamant, datum 27-10-2014
- Datum
27-10-2014
- Auteur
Dr. J. Diamant
- JCDI
JCDI:ADS371518:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Europees financieel recht
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Voetnoten
Voetnoten
Andere continentale jurisdicties die niet in dit onderzoek zijn betrokken kunnen uiteraard wel formaliteiten verbinden aan het in zekerheid geven van girale activa. Zo vereist het Spaanse recht een notariële akte voor een pandrecht op girale activa (art. 1865 van het Spaanse Burgerlijk Wetboek). Deze praktijk schijnt, tegen de verwachting in, in Spanje te zijn gehandhaafd na implementatie van de Collateral Richtlijn, zie Carrasco 2012.
Na de wijziging van de Companies Act 2006 in 2013 dient iedere charge of mortgage geregistreerd te worden, tenzij een beroep kan worden gedaan op een wettelijke uitzondering, zie § 5.2.4.3.
Het doel van het formaliteitenverbod is het in zekerheid geven van girale activa te vereenvoudigen door formaliteiten die het nationale recht verbindt aan het in zekerheid geven van girale activa tot een minimum te beperken. Daartoe verbiedt art. 3 lid 1 Collateral Richtlijn dat ‘het bestaan, de geldigheid, derdenwerking, afdwingbaarheid of toelaatbaarheid als bewijs van een financiëlezekerheidsovereenkomst of de verschaffing van als zekerheid verschafte financiële activa uit hoofde van een financiëlezekerheidsovereenkomst afhangt van het vervullen van enige formaliteit’.
Uit de tiende overweging van de considerans kan worden afgeleid wat met ‘formaliteiten’ wordt bedoeld. Daaronder moeten in het bijzonder registratievereisten en vormvereisten, zoals het verlijden van een notariële akte of het verkrijgen van een vaste datum, bijvoorbeeld door registratie van een akte, begrepen worden. De eis van een ondertekend geschrift is evenmin toegestaan. Aangezien dit vereiste naar Nederlands recht nog steeds geldt voor een financieelzekerheidsarrangement tot vestiging van een pandrecht op giraal geld, is de Collateral Richtlijn in dit opzicht verkeerd geïmplementeerd in het Nederlandse recht.
Geconcludeerd kan dus worden dat de in dit onderzoek betrokken continentale rechtsstelsels nauwelijks formaliteiten verbinden aan het in zekerheid geven van girale activa.1 Dit is opmerkelijk omdat de Collateral Richtlijn juist veronderstelt dat het nationale recht ‘omslachtige formaliteiten’ verbindt aan het in zekerheid geven van girale activa. Dit geldt niet voor het Engelse recht dat wel een ‘omslachtige formaliteit’ vereist voor het in zekerheid geven van girale activa. Naar Engels recht is een beperkt zekerheidsrecht op girale effecten mogelijk onderworpen aan een perfection requirement, namelijk registratie van het beperkte zekerheidsrecht in een openbaar register. Dit is het geval wanneer de mortgage of charge kwalificeert als een charge on book debts of als er sprake is van een floating charge.2 Art. 3 Collateral Richtlijn lijkt daarmee vooral een oplossing te bieden voor een Engelsrechtelijk probleem, namelijk de toepasselijkheid van dit perfection requirement op het in zekerheid geven van girale activa.