BR 2019/31
Geen vergoeding van schade als gevolg van handhavingsacties op basis van het égalitébeginsel. (Den Haag)
RvS 30-01-2019, ECLI:NL:RVS:2019:258, m.nt. L.A. Jager & J.S. Procee
- Instantie
Raad van State
- Datum
30 januari 2019
- Magistraten
Mrs. F.C.M.A. Michiels, N. Verheij en E.A. Minderhoud
- Zaaknummer
201710297/1/A2
- Noot
L.A. Jager & J.S. Procee
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS43729:1
- Vakgebied(en)
Bouwrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2019:258, Uitspraak, Raad van State, 30‑01‑2019
- Wetingang
(Art. 6.1 Wro)
Essentie
Geen vergoeding van schade als gevolg van handhavingsacties op basis van het égalitébeginsel. (Den Haag)
Samenvatting
Voor het toekennen van nadeelcompensatie bestaat aanleiding indien sprake is van onevenredige, buiten het normaal maatschappelijk risico vallende en op een beperkte groep burgers of instellingen drukkende schade, die het gevolg is van een rechtmatig overheidsbesluit ter behartiging van een openbaar belang. Het moet dus gaan om een situatie waarop het algemeen rechtsbeginsel van gelijkheid voor de openbare lasten, het égalitébeginsel, ziet. Daarvan is in dit geval geen sprake, omdat het gaat om schade die appellante ondervindt als gevolg van handhaving wegens een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.