Impassezaken en verantwoordelijkheden binnen het enquêterecht
Einde inhoudsopgave
Impassezaken en verantwoordelijkheden binnen het enquêterecht (IVOR nr. 69) 2010/5.1.2:5.1.2 Plan van behandeling
Impassezaken en verantwoordelijkheden binnen het enquêterecht (IVOR nr. 69) 2010/5.1.2
5.1.2 Plan van behandeling
Documentgegevens:
mr. F. Veenstra, datum 28-10-2010
- Datum
28-10-2010
- Auteur
mr. F. Veenstra
- JCDI
JCDI:ADS469154:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Algemeen
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Ik besteed in dit hoofdstuk geen aandacht aan de vraag of er in alle impasseprocedures waarin voorzieningen zijn getroffen daadwerkelijk aanleiding was voor het instellen van een onderzoek. Ik verwijs voor deze kwestie naar de paragrafen 3.2.4 en 4.4.3. Ik vermeld voorts dat het probleem van de termijnen (samenhangend met het beginsel van hoor en wederhoor; zie paragraaf 4.5) niet speelt in de tweede fase van de enquêteprocedures.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
131. In paragraaf 5.2 wordt in kaart gebracht welke problemen voorliggen in de impassezaken waarin wordt verzocht voorzieningen te treffen als bedoeld in art. 2: 356 BW. Vervolgens geef ik in paragraaf 5.3 een overzicht van de voorzieningen die de Ondernemingskamer in de verschillende beschikkingen heeft getroffen teneinde het wanbeleid te beëindigen en de gezonde verhoudingen te herstellen. In paragraaf 5.4 wordt bezien welke de resultaten zijn van het ingrijpen door de Ondernemingskamer en welke moeite zij zich verder heeft getroost in een poging de impasses definitief te doorbreken. In aansluiting hierop zal worden onderzocht of zij in dit streven blijft binnen de grenzen van haar bevoegdheden (paragraaf 5.5)1 en doe ik een voorstel tot aanpassing van art. 2: 356 BW (paragraaf 5.6). Het hoofdstuk wordt afgesloten met een conclusie (paragraaf 5.7).