De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV
Einde inhoudsopgave
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/VII:VII Bijlage 4: voor- en nadelen van het certificaat van aandeel en aanbevelingen
De kapitaalverschaffer zonder stemrecht in de BV (VDHI nr. 116) 2013/VII
VII Bijlage 4: voor- en nadelen van het certificaat van aandeel en aanbevelingen
Documentgegevens:
R.A. Wolf, datum 14-03-2013
- Datum
14-03-2013
- Auteur
R.A. Wolf
- JCDI
JCDI:ADS384077:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Kodde 2005, p. 583; Ten Berg 2007, p. 343, voetnoot 32; Portier 2008, p. 234 en Van Engelen 2011, p. 122.
Zie Van den Ingh 2008, p. 10, met betrekking tot de vraag of een dergelijk beding naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. In Hof Amsterdam 26 januari 1995, KG 1995, 192 (Kluft Distrifood) is een vordering tot decertificering toegewezen. In dat arrest waren alle certificaten in één hand en kwam daardoor de ratio van certificering te ontvallen. Zie over dit arrest De Bontridder 1995, p. 44 e.v.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voordelen
Nadelen
In een BV kan sprake zijn van certificaten met en zonder vergaderrecht.
In het buitenland is het een relatief onbekende rechtsfiguur.
Aan certificaten kan het vergaderrecht worden onthouden. Bij bijvoorbeeld werknemersparticipatie, of een (andere) grote groep van participanten in de BV kan dat een voordeel zijn om te voorkomen dat het besluitvormingsproces van de aandeelhouders bemoeilijkt wordt. Houders van certificaten van aandelen met vergaderrecht moeten bijvoorbeeld worden opgeroepen voor de algemene vergadering. Daarnaast biedt het vergaderrecht toegang tot de algemene vergadering, zodat het besluitvormingsproces tijdens de algemene vergadering kan worden beïnvloed. Met besluitvorming buiten vergadering moeten zij instemmen.1
De kosten van het opzetten en in stand houden van de voor certificering benodigde structuur zijn hoger dan de uitgifte van stemrechtloze aandelen. Er zal een administratiekantoor moeten worden opgericht en administratievoorwaarden moeten worden opgesteld. Ook moeten de aandelen notarieel aan het administratiekantoor worden overgedragen, tenzij bij oprichting van de BV de aandelen reeds bij het administratiekantoor zijn geplaatst. Daarnaast is sprake van jaarlijkse administratie- en accountantskosten.
Aan certificaten kan het vergaderrecht worden ontnomen indien aan het bepaalde van art. 2:227 lid 4 BW is voldaan. Dat biedt meer flexibiliteit dan het stemrechtloze aandeel, waaraan het vergaderrecht per definitie gekoppeld is en blijft.
Indien vergaderrecht aan het certificaat is verbonden, kan dat besluitvorming bemoeilijken.
Het certificaat van aandeel kan royeerbaar worden gemaakt, onder de voorwaarden zoals in de administratievoorwaarden genoemd. Het stemrecht op het certificaat kan aldus ‘herleven’. Onder omstandigheden kan dat gewenst zijn, bijvoorbeeld in het geval dat de kapitaalverschaffer een grotere invloed wenst te hebben.
Vanuit het oogpunt van de kapitaalverschaffer kan een nadeel zijn de bepaling van niet-royeerbaarheid van de certificaten of de bepaling in de administratievoorwaarden dat het administratiekantoor een verzoek tot decertificering altijd mag afwijzen.2
In de administratievoorwaarden kunnen aanvullende bepalingen worden opgenomen over de overdraagbaarheid (beperking of uitsluiting) en verplichting tot aanbieding van de certificaten.
Aan de rechtsfiguur van certificering is altijd stemrecht verbonden. Het stemrecht berust bij het administratiekantoor als aandeelhouder. De certificaathouder heeft geen stemrecht. Er vindt als gevolg van de certificering een verschuiving van het stemrecht plaats.
Anders dan bij stemrechtloze aandelen, kunnen bij certificering alle aandelen (met stem- én winstrecht) worden gecertificeerd. De beperking van art. 2:175 BW geldt dan niet.
Aan de certificaathouder kan indirecte zeggenschap worden gegeven. Afhankelijk van de statuten van het administratiekantoor en de inhoud van de administratievoorwaarden zal het bestuur van het administratiekantoor in meer of in mindere mate met het belang van de certificaathouder rekening moeten houden. Ook kan worden bepaald dat het bestuur van het administratiekantoor voor bepaalde besluiten voorafgaande toestemming nodig heeft van de vergadering van certificaathouders.
Ten opzichte van het stemrechtloze aandeel biedt certificering vanwege de driehoeksverhouding meer mogelijkheden tot flexibiliteit in en inrichting van de verhoudingen.
Certificering kan de voorkeur boven het stemrechtloze aandeel hebben. In de statuten van het administratiekantoor kan een regeling worden opgenomen over een toekomstig bestuurder indien de huidige bestuurder defungeert. Bij bedrijfsopvolging kan dat relevant zijn. Vader wil zijn onderneming aan zijn kinderen overdragen, maar hij wenst niet dat de kinderen zeggenschap in de onderneming krijgen, omdat zij als ondernemer niet geschikt zijn hem op te volgen. In de statuten van het administratiekantoor kan dan op voorhand een extern bestuurder worden benoemd in het geval vader defungeert.
De houder van een certificaat zonder vergaderrecht behoort naar mijn mening niet tot de kring van betrokkenen in de zin van art. 2:8 BW en kan geen vordering tot vernietiging ex art. 2:15 lid 1 onder b BW instellen. Vanuit het oogpunt van de vennootschap staat hij verder van die vennootschap af.
Aanbevelingen voor de praktijk
Paragraaf
1.
Indien de bevoegdheid tot het toekennen en ontnemen van vergaderrecht ex art. 2:227 lid 4 BW is toegekend aan een orgaan van de vennootschap in de zin van art. 2:189a BW, kan dat orgaan zonder dat daartoe instemming van de certificaathouder is vereist het vergaderrecht aan het certificaat ontnemen. Dit biedt de meeste flexibiliteit vanuit het oogpunt van de vennootschap en biedt tegelijkertijd de minste waarborgen voor de houder van een certificaat met vergaderrecht.
6.3.3.4
2.
Afhankelijk van het belang dat de certificaathouder (via de STAK) in het kapitaal van de vennootschap vertegenwoordigd, de aard van het te nemen besluit in de algemene vergadering of door het bestuur van de vennootschap, het kenbare belang van de vennootschap en het kenbare belang van de betreffende certificaathouder, doen de vennootschap en haar organen er verstandig aan de certificaathouder gedurende de mogelijke discussie in het kader van het overgangsrecht over de vraag of de certificaathouder wel of niet vergaderrecht toekomt bij de besluitvorming, voor zover rechtens vereist, te betrekken.
4.4.6.3