Inhoudsopgave
NJB 2023/1247:Herziening naar aanleiding van een uitspraak van het EHRM, art. 457 lid 1, aanhef en onder b, Sv: in casu gaat het om schending van het ondervragingsrecht i.d.z.v. art. 6 lid 1 en lid 3 EVRM in de zaak van EHRM 10 januari 2023, no. 34507/16 (Çaliskan/ Nederland). Aanvraag gegrond.
NJB 2023/1247
Herziening naar aanleiding van een uitspraak van het EHRM, art. 457 lid 1, aanhef en onder b, Sv: in casu gaat het om schending van het ondervragingsrecht i.d.z.v. art. 6 lid 1 en lid 3 EVRM in de zaak van EHRM 10 januari 2023, no. 34507/16 (Çaliskan/ Nederland). Aanvraag gegrond.
Documentgegevens:
HR 09-05-2023, ECLI:NL:HR:2023:684
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 mei 2023
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, C. Caminada, T. Kooijmans
- Zaaknummer
23/00121
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:684, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑05‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:331, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 28‑03‑2023
- Wetingang
Uitspraak
Inleiding
Herzieningsaanvraag. Het hof heeft de aanvrager veroordeeld voor 1., 3. en 4. ‘medeplegen van oplichting, meermalen gepleegd’ en 2. ‘medeplegen van poging tot oplichting’ tot een gevangenisstraf van vijftien maanden. De aanvraag is gebaseerd op een naar aanleiding van een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.