RFR 2025/39
Pleegde de schoonvader een onrechtmatige daad door de grafrechten van zijn dochter en kleindochter niet aan de echtgenoot over te dragen?
HR 13-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1864
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
13 december 2024
- Magistraten
Mrs. T.H. Tanja-van den Broek, C.E. du Perron, H.M. Wattendorff, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink
- Zaaknummer
24/00372
- Conclusie
A-G mr. S.D. Lindenbergh
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD1964:1
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Verbintenissenrecht (V)
Personen- en familierecht / Familieprocesrecht
Staatsrecht (V)
Goederenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1864, Uitspraak, Hoge Raad, 13‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1130, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑10‑2024
- Wetingang
Art. 3:296 BW; art. 25, 347 Rv
Essentie
Verbintenissenrecht. Vermogensrecht. Familieprocesrecht. Twee-conclusieregel.
Pleegde de schoonvader een onrechtmatige daad door de grafrechten van zijn dochter en kleindochter niet aan de echtgenoot over te dragen?
Samenvatting
In 2014 zijn de echtgenote van de man en zijn ongeboren dochter overleden. De man is wegens verdenking van betrokkenheid bij het overlijden gearresteerd en gedetineerd geweest, naar later bleek ten onrechte. De schoonouders hebben altijd in zijn onschuld geloofd. Tijdens de detentie van de man hebben de schoonouders de begrafenis geregeld. De (schoon)vader heeft daardoor de grafrechten bemachtigd. De man vorderde in eerste aanleg een verklaring voor recht dat zijn schoonouders ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.