Einde inhoudsopgave
Openbaarmaking van koersgevoelige informatie (VDHI nr. 107) 2011/9.4.2
9.4.2 Inlichtingenbevoegdheid van de AFM
Mr. G.T.J. Hoff, datum 23-02-2011
- Datum
23-02-2011
- Auteur
Mr. G.T.J. Hoff
- JCDI
JCDI:ADS499959:1
- Vakgebied(en)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Financieel recht / Financieel toezicht (juridisch)
Voetnoten
Voetnoten
Zie Kamerstukken II, 2005-2006, 29 708, nr. 3, p. 45. Volgens de Regeling van mandaat, volmacht en machtiging van de AFM kunnen deze informatieverzoeken worden gedaan door een Senior toezichthouder, een Senior medewerker of een Senior jurist binnen een afdeling (www.afin.nl). Deze mandatering voor de uitoefening van de inlichtingenbevoegdheid door de AFM ex art. 1:74 Wft geldt onverminderd de mandatering van toezichtsmedewerkers van de AFM ten behoeve van de uitoefening van de inlichtingenbevoegdheid ex art. 5:16 Awb.
Ten behoeve van het toezicht op de naleving van de bij of krachtens de Wet op het financieel toezicht gestelde regels heeft de AFM de bevoegdheid van een ieder inlichtingen te vorderen (art. 1:74 lid 1 Wft). Deze inlichtingenbevoegdheid van de AFM geldt in aanvulling op de toezichtsbevoegdheden waarover de aangewezen toezichtsmedewerkers van de AFM beschikken Deze aanvullende inlichtingenbevoegdheid is in de Wet op het fmancieel toezicht opgenomen, zodat het voor de AFM ook zonder de betrokkenheid van de toezichtsmedewerkers steeds mogelijk is inlichtingen van een ieder in te winnen.1 Op deze inlichtingenbevoegdheid van de AFM zijn het evenredigheidsbeginsel van art. 5:13 Awb en de medewerkingsplicht van art. 5:20 Awb van overeenkomstige toepassing (art. 1:74 lid 2 Wft).