BNB 2026/155
Onbenutte heffingskortingen vanwege volgorde toepassing heffingskortingen en regeling ter voorkoming van dubbele belasting. Prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie
HR 04-09-2026, ECLI:NL:HR:2026:1417, m.nt. D.S. Smit
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
4 september 2026
- Magistraten
Mrs. Van Eijsden, Feteris, Fierstra, Cools, Van der Voort Maarschalk
- Zaaknummer
23/01387
- Conclusie
A-G Koopman
- Noot
D.S. Smit
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD128391:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Heffingskorting
Internationaal belastingrecht / Voorkoming van dubbele belasting
Europees belastingrecht / Algemeen
Europees belastingrecht / Europese verdragsvrijheden
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:1417, Uitspraak, Hoge Raad, 04‑09‑2026
Beroepschrift, Hoge Raad, 04‑09‑2026
ECLI:NL:PHR:2023:1097, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 01‑12‑2023
- Wetingang
Essentie
Onbenutte heffingskortingen vanwege volgorde toepassing heffingskortingen en regeling ter voorkoming van dubbele belasting. Prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie
Samenvatting
Belanghebbende, binnenlandse belastingplichtige, had in 2017 box 3-inkomen uit aandelen in een Belgische vennootschap. Op dividend daarover is in 2017 Belgische bronbelasting ingehouden. In verband met aftrek ter voorkoming van dubbele belasting heeft de Inspecteur een beschikking verrekenbare buitenlandse bronheffing vastgesteld. De Inspecteur heeft in de aanslag IB/PVV 2018 uitsluitend inkomstenbelasting in box 3 geheven. Na aftrek van de buitenlandse bronheffing 2017 resteerde nog een bedrag van € 93. De Inspecteur heeft de algemene heffingskorting en arbeidskorting gemaximeerd ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.