Einde inhoudsopgave
Gedelegeerde Verordening (EU) 2020/687 tot aanvulling van Verordening (EU) 2016/429 wat regels voor de preventie en bestrijding van bepaalde in de lijst opgenomen ziekten betreft
Bijlage VII Risicobeperkende behandelingen voor uit de beperkingszone afkomstige producten van dierlijke oorsprong
Geldend
Geldend vanaf 12-05-2026
- Bronpublicatie:
12-02-2026, PbEU L 2026, 2026/322 (uitgifte: 22-04-2026, regelingnummer: 2026/322)
- Inwerkingtreding
12-05-2026
- Bronpublicatie inwerkingtreding:
12-02-2026, PbEU L 2026, 2026/322 (uitgifte: 22-04-2026, regelingnummer: 2026/322)
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht / Bijzondere onderwerpen
Gezondheidsrecht / Voedsel- en warenkwaliteit
Dierenrecht / Veterinair recht
Dierenrecht / Veehouderij
Dierenrecht / Dierenwelzijn
(bedoeld in de artikelen 27, 33 en 49)
Deel I. Risicobeperkende behandelingen voor uit de beperkingszone afkomstige producten van dierlijke oorsprong
(bedoeld in de artikelen 27, 33 en 49)
1. Behandelingen tegen mond-en-klauwzeer
Vlees
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde (2) van 3 te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 80 °C te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van 70 °C te bereiken gedurende ten minste 30 minuten.
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder, waarbij minimaal 60 °C wordt aangehouden gedurende ten minste 4 uur.
Natuurlijke fermentatie en rijping gedurende ten minste negen maanden, om in het gehele product een maximale aw-waarde van 0,93 en een maximale pH-waarde van 6 te bereiken.
Drogen na zouten gedurende ten minste 182 dagen, uitsluitend voor varkensvlees.
Casings
Zouten met natriumchloride (NaCl) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
Zouten met zout waaraan fosfaat is toegevoegd (86,5 % NaCl, 10,7 % Na2HPO4 en 2,8 % Na3PO4) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
Melk
Warmtebehandeling (sterilisatieproces) om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
UHT-warmtebehandeling (ultrahoge temperatuur) bij minimaal 132 °C gedurende ten minste één seconde.
Als de pH van de melk lager is dan 7, HTST-warmtebehandeling (high temperature short time pasteurisation) bij minimaal 72 °C gedurende ten minste 15 seconden.
Als de pH van de melk 7 of hoger is, HTST-warmtebehandeling bij minimaal 72 °C gedurende ten minste 15 seconden, tweemaal.
HTST-warmtebehandeling bij minimaal 72 °C in combinatie met een fysische behandeling om een pH-waarde van minder dan 6 te bereiken gedurende ten minste één uur.
HTST-warmtebehandeling bij minimaal 72 °C in combinatie met drogen.
2. Behandelingen tegen runderpest
Er is geen risicobeperkende behandeling voor runderpest.
3. Behandelingen tegen riftdalkoorts
Vlees zonder slachtafval
Rijping van karkassen bij een minimumtemperatuur van 2 °C gedurende ten minste 24 uur na het slachten.
Slachtafval en vlees van niet-gerijpte karkassen
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Melk
Warmtebehandeling (sterilisatieproces) om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
HTST-warmtebehandeling (high temperature short time pasteurisation) bij minimaal 72 °C gedurende ten minste 15 seconden.
4. Behandelingen tegen nodulaire dermatose
Slachtafval
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Casings
Veilig product.
Melk
Warmtebehandeling (sterilisatieproces) om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
UHT-warmtebehandeling (ultrahoge temperatuur) bij minimaal 132 °C gedurende ten minste één seconde.
HTST-warmtebehandeling (high temperature short time pasteurisation) bij minimaal 72 °C gedurende ten minste 15 seconden.
Behandeling om een pH-waarde van minder dan 6 te bereiken gedurende ten minste één uur.
5. Behandelingen tegen besmettelijke runderpleuropneumonie
Slachtafval
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
6. Behandelingen tegen schapenpokken en geitenpokken
Slachtafval
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Melk
Warmtebehandeling (sterilisatieproces) om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
UHT-warmtebehandeling (ultrahoge temperatuur) bij minimaal 132 °C gedurende ten minste één seconde.
HTST-warmtebehandeling (high temperature short time pasteurisation) bij minimaal 72 °C gedurende ten minste 15 seconden.
Behandeling om een pH-waarde van minder dan 6 te bereiken gedurende ten minste één uur.
7. Behandelingen van de pest bij kleine herkauwers (‘peste des petits ruminants’)
Vlees
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 80 °C te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van 70 °C te bereiken gedurende ten minste 30 minuten.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van 65 °C te bereiken gedurende een voldoende lange periode om een minimale pasteurisatiewaarde van 40 te bereiken.
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder, waarbij minimaal 60 °C wordt aangehouden gedurende ten minste 4 uur.
Casings
Zouten met natriumchloride (NaCl) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
Zouten met zout waaraan fosfaat is toegevoegd (86,5 % NaCl, 10,7 % Na2HPO4 en 2,8 % Na3PO4) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
Melk
Warmtebehandeling (sterilisatieproces) om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
UHT-warmtebehandeling (ultrahoge temperatuur) bij minimaal 132 °C gedurende ten minste één seconde.
Als de pH van de melk lager is dan 7, HTST-warmtebehandeling (high temperature short time pasteurisation) bij minimaal 72 °C gedurende ten minste 15 seconden.
Als de pH van de melk 7 of hoger is, HTST-warmtebehandeling bij minimaal 72 °C gedurende ten minste 15 seconden, tweemaal.
HTST-warmtebehandeling bij minimaal 72 °C in combinatie met een fysische behandeling om een pH-waarde van minder dan 6 te bereiken gedurende ten minste één uur.
HTST-warmtebehandeling bij minimaal 72 °C in combinatie met drogen.
8. Behandelingen tegen besmettelijke pleuropneumonie bij geiten
Slachtafval
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
9. Behandelingen tegen klassieke varkenspest
Vlees
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 80 °C te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van 70 °C te bereiken gedurende ten minste 30 minuten.
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder, waarbij minimaal 60 °C wordt aangehouden gedurende ten minste 4 uur.
Natuurlijke fermentatie en rijping gedurende ten minste negen maanden (behalve voor lendestukken: ten minste 140 dagen en hammen: ten minste 190 dagen), om een maximale aw-waarde van 0,93 en een maximale pH-waarde van 6 te bereiken.
Drogen na zouten gedurende ten minste 182 dagen.
Casings
Zouten met natriumchloride (NaCl) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
Zouten met zout waaraan fosfaat is toegevoegd (86,5 % NaCl, 10,7 % Na2HPO4 en 2,8 % Na3PO4) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
Zouten met zout waaraan citraat is toegevoegd (89,2 % NaCl, 8,9 % trinatriumcitraat-dihydraat en 1,9 % citroenzuur-monohydraat) (gewichtsprocenten) met een pH-waarde van 4,5 gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
10. Behandelingen tegen Afrikaanse varkenspest
Vlees
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 80 °C te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 70 °C te bereiken gedurende ten minste 30 minuten.
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder, waarbij minimaal 60 °C wordt aangehouden gedurende ten minste 4 uur.
Voor vlees zonder been, natuurlijke fermentatie en rijping gedurende ten minste negen maanden (behalve voor lendestukken: ten minste 140 dagen en hammen: ten minste 190 dagen), om een maximale aw-waarde van 0,93 en een maximale pH-waarde van 6 te bereiken.
Drogen na zouten gedurende ten minste 182 dagen.
Casings
Zouten met natriumchloride (NaCl) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
Zouten met zout waaraan fosfaat is toegevoegd (86,5 % NaCl, 10,7 % Na2HPO4 en 2,8 % Na3PO4) in droge vorm of als verzadigde pekel (aw < 0,80), gedurende een onafgebroken periode van 30 dagen of langer bij een omgevingstemperatuur van 20 °C of meer.
11. Behandelingen tegen Afrikaanse paardenpest
Vlees, casings en melk zijn veilige producten.
12. Behandelingen tegen hoogpathogene aviaire influenza
Vlees
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 70 °C te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 65,0 °C te bereiken gedurende ten minste 42 seconden.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 60 °C te bereiken gedurende ten minste 507 seconden.
Eieren
Warmtebehandeling, waarbij de temperaturen in de kern van het product gedurende ten minste de aangegeven tijd minimaal de aangegeven waarde bereiken:
heel ei:
- —
volledig gekookt;
- —
60 °C — 188 seconden;
heeleimengsel:
- —
volledig gekookt;
- —
61,1 °C — 94 seconden;
- —
60 °C — 188 seconden;
vloeibaar eiwit:
- —
56,7 °C — 232 seconden;
- —
55,6 °C — 870 seconden;
gewone of zuivere dooier:
- —
60 °C — 288 seconden;
dooier met een gehalte aan toegevoegd zout van 10 %:
- —
62,2 °C — 138 seconden;
gedroogd eiwit:
- —
67 °C — 20 uur;
- —
54,4 °C — 513 uur.
13. Behandelingen tegen de ziekte van Newcastle
Vlees
Warmtebehandeling in een hermetisch gesloten houder om een minimale F0-waarde van 3 te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van minimaal 70 °C te bereiken.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van 60 °C te bereiken gedurende ten minste 30 seconden.
Warmtebehandeling om een kerntemperatuur van 57,8 °C te bereiken gedurende ten minste 63 minuten en 18 seconden.
Eieren
Warmtebehandeling, waarbij de temperaturen in de kern van het product gedurende ten minste de aangegeven tijd minimaal de aangegeven waarde bereiken:
heel ei:
- —
volledig gekookt;
- —
59 °C — 674 seconden;
- —
57 °C — 1 596 seconden;
- —
55 °C — 2 521 seconden;
verrijkt ei:
- —
62,2 °C — 3 minuten en 30 seconden;
- —
61,1 °C — 6 minuten en 12 seconden;
gesuikerd/gezouten ei:
- —
63,3 °C — 3 minuten en 30 seconden;
- —
62,2 °C — 6 minuten en 12 seconden;
vloeibaar eiwit:
- —
59 °C — 301 seconden.
- —
57 °C — 986 seconden.
- —
55 °C — 2 278 seconden;
gewone of zuivere dooier:
- —
61,1 °C — 3 minuten en 30 seconden;
- —
60 °C — 6 minuten en 12 seconden;
dooier met een gehalte aan toegevoegd zout van 10 %:
- —
55 °C — 176 seconden;
gedroogd eiwit:
- —
57 °C — 50 uur en 24 minuten.
Deel II. Methoden om het risico op verspreiding van ziekten van categorie a voor dierlijke bijproducten en afgeleide producten vanuit de beperkingszone te beperken(bedoeld in de artikelen 27, 35, 37, 51 en 53)
De volgende methoden voor de behandeling, omzetting of verwerking, zoals beschreven in de volgende hoofdstukken van en bijlagen bij Verordening (EU) nr. 142/2011:
- 1.
Verwerking van afgeleide producten volgens de standaardverwerkingsmethoden 1 tot en met 5, zoals bedoeld in hoofdstuk III van bijlage IV.
- 2.
Omzetting of compostering volgens standaardomzettingsparameters voor omzetting in biogas of compost, zoals bedoeld in hoofdstuk III, afdeling 1, van bijlage V.
- 3.
Dubbele warmtebehandeling voor de verwerking van melkderivaten of melkproducten, zoals bedoeld in hoofdstuk II, afdeling 4, deel 1, punt B, van bijlage X.
- 4.
Warmtebehandeling voor de verwerking van mest, zoals bedoeld in hoofdstuk I, afdeling 2, punt b), van bijlage XI.
- 5.
Warmtebehandeling voor de vervaardiging van voeder voor gezelschapsdieren (namelijk verwerkt voeder voor gezelschapsdieren, hondenkluiven en smaakgevende ingewanden), zoals bedoeld in hoofdstuk II, punt 3, onder a), en punt 3, b), i), ii) en iii), van bijlage XIII.
- 6.
Behandeling van bloedproducten van paardachtigen met een van de behandelingen, gevolgd door een test op de doeltreffendheid, zoals beschreven in hoofdstuk IV, punt 2, b), ii), van bijlage XIII.
- 7.
Behandeling van huiden, zoals bedoeld in punt 28 van bijlage I, en de verwerking van huiden, zoals bedoeld in hoofdstuk V, punt C, 2, van bijlage XIII.
- 8.
Behandeling of verwerking van jachttrofeeën, zoals bedoeld in hoofdstuk VI, punt C, van bijlage XIII.
- 9.
Behandeling van varkenshaar (varkensborstels), zoals bedoeld in hoofdstuk VII, punt A, 2, a), van bijlage XIII.
- 10.
Behandeling van wol en haar, zoals bedoeld in hoofdstuk VII, punt B, derde alinea, van bijlage XIII.
- 11.
Behandeling van veren en dons, zoals bedoeld in hoofdstuk VII, punt C, van bijlage XIII.
- 12.
Verwerking van vetderivaten, zoals bedoeld in hoofdstuk XI, punten 1 en 2, van bijlage XIII.
Voetnoten
F0 is de berekende dodende werking op sporen van bacteriën. Een F0-waarde van 3 betekent dat het koudste punt in het product voldoende is verhit om dezelfde dodende werking te verkrijgen als 121 °C (250 °F) in drie minuten met verwaarloosbare verhittings- en afkoeltijd.