Rechtsbescherming van ondernemers in aanbestedingsprocedures
Einde inhoudsopgave
Rechtsbescherming van ondernemers in aanbestedingsprocedures (R&P nr. VG7) 2013/4.2.4.5:4.2.4.5 Relativiteit
Rechtsbescherming van ondernemers in aanbestedingsprocedures (R&P nr. VG7) 2013/4.2.4.5
4.2.4.5 Relativiteit
Documentgegevens:
mr. A.J. van Heeswijck, datum 28-11-2013
- Datum
28-11-2013
- Auteur
mr. A.J. van Heeswijck
- JCDI
JCDI:ADS583215:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Aanbestedingsrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Het derdenbeding, waarbij een contractspartij een verplichting op zich neemt ten opzichte van een derde, vormt hierop een uitzondering.
Parl. Gesch. Boek 6, p. 341.
Vgl. hiervoor § 2.3.5.
Zie hiervoor § 2.4.2. In de praktijk pleegt aan bepalingen in het bestek over ‘abnormaal lage inschrijvingen’ een ruim beschermingsbereik te worden toegekend; zie bijv. Vzr. Rb. Noord- Nederland 5 juni 2013, LJN CA2224, r.o. 5.4.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Overeenkomsten bepalen naar hun aard waartoe partijen jegens elkaar zijn gehouden.1 De gerechtigde tot een prestatie uit hoofde van een overeenkomst is in de regel dan ook niet moeilijk aan te wijzen. Niettemin geldt ook voor aansprakelijkheid op grond van wanprestatie een relativiteitsvereiste.2 Situaties waarin aansprakelijkheid van de aanbesteder ondanks het bestaan van een toerekenbare tekortkoming ontbreekt, zijn bij aanbestedingsovereenkomsten goed voorstelbaar. Het beschermingsbereik van een contractuele regeling over ‘abnormaal lage inschrijvingen’ bijvoorbeeld kan worden beperkt tot de aanbesteder en de inschrijver die een lage inschrijving heeft gedaan.3 In voorkomend geval heeft een concurrerende inschrijver geen recht op schadevergoeding, wanneer de aanbesteder de betrokken contractuele regeling niet naleeft. De strekking van de bepalingen in een aanbestedingsovereenkomst moet door uitleg worden vastgesteld.4