Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/10.4.1
10.4.1 Bevrijdende betaling, opschorting ex art. 6:48 BW, schuldwijziging, schuldoverneming en afstand
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS588342:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
Nota bene: voor sommige van deze bevoegdheden is de medewerking van de schuldeiser vereist (meerzijdige rechtshandelingen, zoals het doen van afstand); voor andere bevoegdheden niet (eenzijdige rechtshandelingen, zoals opschorting).
Zie over de bevoegdheid tot nakoming ook Faber 2005, § 2.2.4. De schuldenaar kan zijn bevoegdheid ook niet uitoefenen en dit voornemen aan zijn schuldeiser mededelen (vgl. art. 6:80 lid 1 sub b en 6:83 sub c BW).
Hij is voorts ook bevoegd om de verbintenis aan te wijzen waarop de betaling moet worden toegerekend (art. 6:43 BW), een verbintenis tot betaling van een geldsom te voldoen door bijschrijving van het verschuldigde bedrag op een bankrekening (art. 6:114 BW) en de verbintenis in het geld (lees: valuta) van de plaats van betaling te voldoen (art. 6:121 BW). Deze bevoegdheden blijven verder buiten beschouwing. Zie voor de plaats van betaling, hiervóór nr. 565 en uitgebreider nr. 98 e.v.
Zie ook hiervóór nr. 82.
Vgl. art. 6:141 BW (verrekening) en art. 6:160 lid 3 BW (afstand) die art. 6:48 lid 1 en 2 BW van overeenkomstige toepassing verklaren. Vgl. art. 3:256 BW (tenietgaan pandrecht) voor een vergelijkbare verplichting.
Zie over deze bevoegdheden, hiervóór nr. 463.
573. De bevoegdheden van de schuldenaar ten aanzien van (de inning van) de vordering zijn hoofdzakelijk de bevoegdheid tot bevrijdende betaling, de bevoegdheid tot opschorting ex art. 6:48 BW, de bevoegdheid tot schuldwijziging, de bevoegdheid tot schuldoverneming en de bevoegdheid tot afstand.1
De schuldenaar kan bevrijdend betalen aan de persoon die bevoegd is om betalingen in ontvangst te nemen (art. 6:38-6:39 BW).2 In het normale geval is dat zijn schuldeiser. Door de bevrijdende betaling gaat de vordering teniet. In het kader van een bevrijdende betaling is de schuldenaar voorts bevoegd met de toestemming van de schuldeiser tot betaling in gedeelten (art. 6:27 BW) en tot inbetalinggeving (art. 6:45 BW).3
Is de schuldeiser op grond van art. 6:48 lid 1 BW verplicht om voor de voldoening een kwitantie of op grond van art. 6:48 lid 2 BW een ter zake van de schuld (door de schuldenaar) afgegeven bewijsstuk,4 dan is de schuldenaar bevoegd om de nakoming van zijn verbintenis op te schorten, als niet voldaan wordt aan deze verplichtingen (art. 6:48 lid 3 BW). Art. 6:53 e.v. zijn toepassing.5 De schuldenaar is voorts bevoegd met medewerking van de schuldeiser tot schuldwijziging en afstand van recht (art. 6:160 BW) en met toestemming van de schuldeiser tot schuldoverneming met werking jegens de schuldeiser (art. 6:155 BW).6 De schuldenaar is bevoegd om aan de schuldeiser die een vreemdeling is, te verzoeken om zekerheid te stellen (art. 224 Rv). Het is de vraag of de schuldenaar deze bevoegdheden behoudt, en zo ja, of hij deze bevoegdheden jegens de stille cedent of de stille cessionaris kan uitoefenen.