NJB 2021/369
Bij de tegenwerping van een veilig derde land moet de staatssecretaris, in het kader van de zogenoemde redelijkheidstoets, alle relevante individuele belangen betrekken, waaronder het verblijf van gezinsleden in Nederland
RvS 20-01-2021, ECLI:NL:RVS:2021:122
- Instantie
Raad van State
- Datum
20 januari 2021
- Magistraten
Mrs. Steendijk, Wissels, Meijer
- Zaaknummer
202003698/1/V2
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Vreemdelingenrecht / Bijzondere onderwerpen
Vreemdelingenrecht / Verblijf
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:2021:122, Uitspraak, Raad van State, 20‑01‑2021
- Wetingang
(art. 30a, eerste lid, onder c, Vw 2000, art. 3.106a Vb 2000)
Essentie
Bij de tegenwerping van een veilig derde land moet de staatssecretaris, in het kader van de zogenoemde redelijkheidstoets, alle relevante individuele belangen betrekken, waaronder het verblijf van gezinsleden in Nederland
Partij(en)
Uitspraak op het hoger beroep van: [de vreemdeling], appellante, tegen de uitspraak van de Rechtbank Den Haag, zittingsplaats Middelburg, van 29 juni 2020 in zaak nr. NL20.10890 in het geding tussen: de vreemdeling en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.
Uitspraak
Procesverloop
Bij besluit van 12 mei 2020 heeft de staatssecretaris een aanvraag van de vreemdeling om haar een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.