V-N 2025/13.5
Box 3-procedure verwezen om werkelijk rendement inclusief ongerealiseerde waardemutaties te bepalen
HR 14-03-2025, ECLI:NL:HR:2025:379, m.nt. Redactie Vakstudie Nieuws
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 maart 2025
- Magistraten
Feteris, Boerlage, Van der Voort Maarschalk
- Zaaknummer
24/00880
- Noot
Redactie Vakstudie Nieuws
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD1993:1
- Vakgebied(en)
Inkomstenbelasting / Vermogensrendementsheffing (box 3)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:379, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑03‑2025
- Wetingang
art. 5.2 Wet IB 2001
Essentie
De Hoge Raad oordeelt dat het hof een te beperkte uitleg heeft gegeven aan het begrip werkelijk rendement, aangezien daartoe ook ongerealiseerde waardemutaties behoren. De Hoge Raad verwijst daarbij naar zijn arrest van 6 juni 2024.
Samenvatting
X is het niet eens met de aan hem opgelegde IB-aanslag 2020 met betrekking tot de box 3-heffing. Hof Den Haag oordeelt dat aan X een op rechtsherstel gerichte compensatie moet worden geboden en dat die compensatie in beginsel moet aansluiten bij het werkelijk behaalde rendement. Er kan dan niet meer worden belast dan de feitelijk genoten rente, dividend, huur, royalty’s ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.