BNB 2025/17
Voortvarendheidseis bij verlengde navorderingstermijn
HR 01-11-2024, ECLI:NL:HR:2024:1557, m.nt. E.B. Pechler
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 november 2024
- Magistraten
Mrs. Van Eijsden, Wortel, Boerlage
- Zaaknummer
23/00324
- Noot
E.B. Pechler
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS994849:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht / Aanslag
- Brondocumenten
Beroepschrift, Hoge Raad, 15‑11‑2024
ECLI:NL:HR:2024:1557, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑11‑2024
- Wetingang
Art. 16 lid 4 AWR
Essentie
Voortvarendheidseis bij verlengde navorderingstermijn
Samenvatting
Belanghebbende heeft in 2014 via een inkeerverzoek melding gemaakt van drie Luxemburgse bankrekeningen die hij niet in zijn aangiften IB/PVV heeft vermeld en heeft desgevraagd inlichtingen erover verstrekt. De Inspecteur heeft belanghebbende in 2016 verzocht in te stemmen met verlenging van de navorderingstermijn met betrekking tot de navorderingsaanslagen 2001 t/m 2003. Aan belanghebbende zijn uiteindelijk navorderingsaanslagen IB/PVV opgelegd over 2001 t/m 2010, 2012 en 2014. Het Hof heeft geoordeeld dat bij het vaststellen van de navorderingsaanslagen 2001 t/m 2008 in de periode 2016-2017 de vereiste voortvarendheid is betracht.
HR: De vereiste voortvarendheid is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.