NJ 2024/276
Cassatie in het belang van de wet. Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften. Geen proceskostenvergoeding als het boetebedrag tijdens een (administratief)beroepsprocedure wordt aangepast als gevolg van na de boeteoplegging in werking getreden gunstiger regelgeving.
HR 09-07-2024, ECLI:NL:HR:2024:1012, m.nt. W.H. Vellinga
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 juli 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, J.A.R. van Eijsden, A.L.J. van Strien
- Zaaknummer
24/00387
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Noot
W.H. Vellinga
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS981123:1
- Vakgebied(en)
Verkeersrecht / Handhaving verkeersvoorschriften
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
Bestuursprocesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1012, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑07‑2024
- Wetingang
Essentie
Cassatie in het belang van de wet. Centraal staat de vraag of op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften in de (administratief) beroepsfase een proceskostenvergoeding moet worden toegekend indien na het opleggen van de sanctie het boetebedrag is aangepast als gevolg van in werking getreden gunstiger regelgeving. Voor de beantwoording van die vraag is beslissend of sprake is van een aan het bestuursorgaan te wijten onrechtmatigheid. In de hiervoor genoemde situatie doet zich niet zo’n onrechtmatigheid voor.
Samenvatting
In het geval dat de voor de betrokkene gunstige wijziging in de regelgeving ten aanzien van het toe te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.