NJB 2022/2704
Kort geding, strekkende tot rectificatie van uitlatingen van een advocaat. Hoge Raad: 1. Uitleg uitlatingen. Het oordeel van het hof dat de gedaagde advocaat de eisende advocaat ervan beschuldigt dat deze zijn cliënten heeft aangezet tot het vervalsen van een geldleningsovereenkomst, is onbegrijpelijk. 2. Uitlating in rechte. Het hof heeft onvoldoende kenbaar in zijn beoordeling betrokken dat de uitlatingen van de gedaagde advocaat in rechte naar voren zijn gebracht om bij te dragen aan toewijzing van een verzoek om een voorlopig getuigenverhoor
HR 18-11-2022, ECLI:NL:HR:2022:1697
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
18 november 2022
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.E. du Perron, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons
- Zaaknummer
21/02676
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:1697, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 18‑11‑2022
ECLI:NL:PHR:2022:529, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑06‑2022
- Wetingang
art. 10 EVRM, art. 6:162 BW, art. 10a lid 1 Advocatenwet)
Essentie
Kort geding, strekkende tot rectificatie van uitlatingen van een advocaat. Hoge Raad: 1. Uitleg uitlatingen. Het oordeel van het hof dat de gedaagde advocaat de eisende advocaat ervan beschuldigt dat deze zijn cliënten heeft aangezet tot het vervalsen van een geldleningsovereenkomst, is onbegrijpelijk. 2. Uitlating in rechte. Het hof heeft onvoldoende kenbaar in zijn beoordeling betrokken dat de uitlatingen van de gedaagde advocaat in rechte naar voren zijn gebracht om bij te dragen aan toewijzing van een verzoek om een voorlopig getuigenverhoor
Partij(en)
Mr. F, adv. mr. B.M.H. Fleuren, vs. mr. S c.s., adv. mr. J. den Hoed. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.