NJB 2022/2704:Kort geding, strekkende tot rectificatie van uitlatingen van een advocaat. Hoge Raad: 1. Uitleg uitlatingen. Het oordeel van het hof dat de gedaagde advocaat de eisende advocaat ervan beschuldigt dat deze zijn cliënten heeft aangezet tot het vervalsen van een geldleningsovereenkomst, is onbegrijpelijk. 2. Uitlating in rechte. Het hof heeft onvoldoende kenbaar in zijn beoordeling betrokken dat de uitlatingen van de gedaagde advocaat in rechte naar voren zijn gebracht om bij te dragen aan toewijzing van een verzoek om een voorlopig getuigenverhoor