RFR 2016/4
Wet Bopz. Kan een voorlopige machtiging tot opneming in een zwakzinnigeninrichting worden verleend onder voorwaarden?
HR 02-10-2015, ECLI:NL:HR:2015:2915
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 oktober 2015
- Magistraten
Mrs. F.B. Bakels, C.A. Streefkerk, A.H.T. Heisterkamp, M.V. Polak, V. van den Brink
- Zaaknummer
15/02910
- Conclusie
A-G mr. J.B.M.M. Wuisman
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS922372:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Gezondheidsrecht / Algemeen
Openbare orde en veiligheid / Bijzondere onderwerpen
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2015:2915, Uitspraak, Hoge Raad, 02‑10‑2015
ECLI:NL:PHR:2015:2016, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 29‑07‑2015
Beroepschrift, Hoge Raad, 29‑06‑2015
- Wetingang
Essentie
Wet Bopz. Voorlopige machtiging.
Kan een voorlopige machtiging tot opneming in een zwakzinnigeninrichting worden verleend onder voorwaarden?
Samenvatting
Met behulp van intensieve begeleiding kan een verstandelijk beperkte betrokkene thuis wonen. De zwakzinnigeninrichting heeft echter wel een machtiging aangevraagd als stok achter de deur. De rechtbank heeft een voorlopige machtiging verleend, waarbij zij heeft overwogen: “Een voorwaardelijke machtiging zou in deze op zijn plaats zijn. Een voorwaardelijke machtiging is echter niet mogelijk voor een zwakzinnigeninrichting. De rechtbank zal daarom een voorlopige machtiging verlenen, waarbij zij er van uitgaat dat betrokkene zoals ter zitting met de aanwezigen besproken onder de hem ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.