PJ 2004/56
Vordering tot vergoeding van pensioenschade op basis van onrechtmatige daad. Stuit af op gezag van gewijsde nu eerder de schade op grond van de arbeidsovereenkomst is gevorderd en er een vaststellingsovereenkomst over de pensioenschade was gesloten.
HR 12-12-2003, ECLI:NL:HR:2003:AL8450
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
12 december 2003
- Zaaknummer
C02/221HR
- LJN
AL8450
- Vakgebied(en)
Pensioenen / Algemeen
Verzekeringsrecht / Pensioenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2003:AL8450, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 12‑12‑2003
ECLI:NL:HR:2003:AL8450, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 12‑12‑2003
Essentie
Vordering tot vergoeding van pensioenschade op basis van onrechtmatige daad. Stuit af op gezag van gewijsde nu eerder de schade op grond van de arbeidsovereenkomst is gevorderd en er een vaststellingsovereenkomst over de pensioenschade was gesloten.
Samenvatting
Na beëindiging van de arbeidsovereenkomst meent de werknemer dat hij nog een vordering op de werkgever heeft ter zake van geleden pensioenschade. Hij vordert deze schade aanvankelijk op grond van nakoming van de arbeidsovereenkomst en nadat die vordering bij in kracht van gewijsde gegaan vonnis is afgewezen wederom op grondslag van onrechtmatige daad. Dit stuit af op het gezag van gewijsde ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.