Zie het proces-verbaal van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van 1 december 2022.
HR, 08-10-2024, nr. 22/04777
ECLI:NL:HR:2024:1388
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
08-10-2024
- Zaaknummer
22/04777
- Vakgebied(en)
Strafrecht algemeen (V)
Strafprocesrecht (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:HR:2024:1388, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑10‑2024; (Cassatie)
In cassatie op: ECLI:NL:GHSHE:2022:4623
Conclusie: ECLI:NL:PHR:2024:648
ECLI:NL:PHR:2024:648, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑06‑2024
Arrest Hoge Raad: ECLI:NL:HR:2024:1388
- Vindplaatsen
Uitspraak 08‑10‑2024
Inhoudsindicatie
Art. 416.2 Sv na veroordeling t.z.v. opzettelijk aanwezig hebben van cocaïne en heroïne (art. 2.C Opiumwet). Aanhoudingsverzoek voorafgaand aan tz. in hoger beroep door niet-gemachtigde raadsvrouw per e-mail gedaan en ttz. herhaald op de grond dat verdachte ziek is, door hof afgewezen omdat hof verhindering door ziekte niet aannemelijk acht. Om redenen vermeld in HR:2024:1387 slaagt middel. Volgt vernietiging en terugwijzing. Samenhang met 22/04776.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/04777
Datum 8 oktober 2024
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof 's-Hertogenbosch van 15 december 2022, nummer 20-000785-21, in de strafzaak
tegen
[verdachte],
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,
hierna: de verdachte.
1. Procesverloop in cassatie
Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft E.E.W.J. Maessen, advocaat in Maastricht, bij schriftuur en aanvullende schriftuur een cassatiemiddel voorgesteld.
De advocaat-generaal D.J.M.W. Paridaens heeft geconcludeerd tot vernietiging van de uitspraak van het hof en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat deze opnieuw wordt berecht en afgedaan.
2. Beoordeling van het cassatiemiddel
2.1
Het cassatiemiddel klaagt over de afwijzing door het hof van het verzoek tot aanhouding van de behandeling van de zaak.
2.2
Het cassatiemiddel slaagt. De redenen daarvoor staan vermeld in het arrest dat de Hoge Raad vandaag heeft uitgesproken in de zaak 22/04776, ECLI:NL:HR:2024:1387.
3. Beslissing
De Hoge Raad:
- vernietigt de uitspraak van het hof;
- wijst de zaak terug naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat de zaak opnieuw wordt berecht en afgedaan.
Dit arrest is gewezen door de vice-president M.J. Borgers als voorzitter, en de raadsheren A.L.J. van Strien en F. Posthumus, in bijzijn van de waarnemend griffier E. Schnetz, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 8 oktober 2024.
Conclusie 25‑06‑2024
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Aanhoudingsverzoek i.v.m. aanwezigheidsrecht, omdat verdachte wegens ziekte is verhinderd. AG somt (niet uitputtend) op welke factoren een rol kunnen spelen bij in voorkomende gevallen te maken belangenafweging. Afwijzing door hof o.g.v. oordeel dat reden van verhindering niet aannemelijk is en o.g.v. belangenafweging ontoereikend gemotiveerd. Middel slaagt om redenen genoemd in de conclusie in samenhangende strafzaak. Conclusie strekt tot vernietiging en terugwijzing (samenhang met 22/04776).
PROCUREUR-GENERAAL
BIJ DE
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
Nummer22/04777
Zitting 25 juni 2024
CONCLUSIE
D.J.M.W. Paridaens
In de zaak
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,
hierna: de verdachte.
Inleiding
Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft de verdachte bij arrest van 15 december 2022 (bij verstek) met toepassing van art. 416 lid 2 Sv niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, van 11 maart 2021.
Er bestaat samenhang met de zaak 22/04776. In die zaak zal ik vandaag ook concluderen.
Namens de verdachte heeft E.E.W.J. Maessen, advocaat in Maastricht, één middel van cassatie voorgesteld.
Het middel
4. Het middel klaagt over de afwijzing door het hof van een verzoek tot aanhouding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep.
5. De strafzaak van de verdachte die in cassatie samenhangt met deze zaak, is ter terechtzitting in hoger beroep gelijktijdig (maar niet gevoegd) met de onderhavige zaak behandeld. Het middel dat in deze zaak is voorgesteld, is gelijkluidend aan het middel dat is voorgesteld in de samenhangende zaak. Het heeft bovendien betrekking op een identiek aanhoudingsverzoek en komt op tegen een gelijkluidende (motivering van de) afwijzende beslissing van het hof. In mijn conclusie in de samenhangende strafzaak heb ik uiteengezet waarom het in die zaak ingediende middel slaagt. Daar voeg ik in deze zaak voor de volledigheid nog aan toe dat het hof ten onrechte in de belangenafweging heeft meegewogen dat een benadeelde partij in de zaak is betrokken.1.Dit komt waarschijnlijk doordat in de voornoemde samenhangende zaak van de verdachte wel een benadeelde partij is betrokken. Voor de uitkomst van het cassatieberoep, dat reeds op de gronden genoemd in mijn conclusie in die samenhangde zaak slaagt, maakt dat echter geen verschil, zodat ik in deze zaak volsta met een verwijzing naar de inhoud van die conclusie.
Slotsom
6. Het middel slaagt.
7. Ambtshalve heb ik geen grond aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoort te geven.
8. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de uitspraak van het hof en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof ’s-Hertogenbosch, opdat deze opnieuw wordt berecht en afgedaan.
De procureur-generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG
Voetnoten
Voetnoten Conclusie 25‑06‑2024