RI 2016/8
Dwangakkoord. Hoe dient art. 145 Fw te worden uitgelegd; in welk geval kan de rechter-commissaris een akkoord vaststellen op de voet van art. 146 Fw? (Gefailleerde X)
Rb. Gelderland 14-07-2015, ECLI:NL:RBGEL:2015:5785
- Instantie
Rechtbank Gelderland
- Datum
14 juli 2015
- Magistraten
Mrs. B.J. Engberts, F.M.T. Quaadvliet, G.J. Meijer
- Zaaknummer
285159
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS922281:1
- Vakgebied(en)
Insolventierecht / Faillissement
Insolventierecht / Schuldsanering natuurlijke personen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBGEL:2015:5785, Uitspraak, Rechtbank Gelderland, 14‑07‑2015
- Wetingang
Samenvatting
De rechter-commissaris heeft vastgesteld dat het door gefailleerde aangeboden crediteurenakkoord is verworpen omdat niet is voldaan aan het stemvereiste van art. 145 Fw. Voorts heeft de rechter-commissaris geweigerd het akkoord vast te stellen ex art 146 Fw. Gefailleerde vraagt verbetering van het proces-verbaal omdat de rechter-commissaris art. 145 Fw onjuist zou hebben uitgelegd. Hij leest de tekst van deze wetsbepaling zo dat de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.