Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/6.8.3
6.8.3 Uitoefening van andermans vordering
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS584849:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
Zie art. 1:433 lid 1 BW (meerderjarigenbewind), art. 3.6.1.2 Ontw.BW (bewind) en art. 4:154 BW (testamentair bewind). De vruchten staan onder het bewind zolang deze niet zijn uitgekeerd aan degene die daarop recht heeft (art. 4:154 jo 4:162 BW). Zie over art. 1:446 lid 1 BW en art. 4:162 BW, hierna nr. 709.
Zie o.a. Faber 2005, nr. 28, 261 en 279; Biemans 2006, nr. 6. Analoge toepassing van art. 5:17 BW ligt hier voor de hand; vgl. Biemans 2009d, par. 6.6. Zie ook art. 3:213 lid 2 BW, dat bepaalt dat aan het vruchtgebruik zijn onderworpen de voordelen die een goed tijdens het vruchtgebruik oplevert en die geen vruchten zijn.
Zie Losbladige Vermogensrecht 2010 (H. H. Lammers), art. 3:172, aant. 3, met verdere literatuur- en jurisprudentieverwijzingen; zie ook Asser/Perrick 4* 2009, nr. 357. Anders: Perrick 1986, nr. 48. Art. 3:172 BW is hiervoor niet de grondslag; deze verbintenisrechtelijke bepaling ziet alleen op de interne verhouding tussen de deelgenoten. Zie Asser/Perrick 4* 2009, nr. 357. Anders (kennelijk): Losbladige Vermogensrecht 2010 (H.H. Lammers), art. 3:172, aant. 3.
Zie Kamerstukken II 1993-1994, 23 706, nr. 3, p. 33-34 en nr. 5, p. 23. Onduidelijk is of deze rentevordering in het vermogen van de rekeninghouder ontstaat, of dat de rentevordering in het vermogen van de belanghebbenden ontstaat, maar de rekeninghouder ten aanzien daarvan geen afdrachtverplichting heeft. Zie ook Kamerstukken II 1993-1994, 23 706, nr. 3, p. 31: 'In de praktijk zal er waarschijnlijk behoefte bestaan aan meer dan een bijzondere rekening. Zeker als de notaris van één cliënt gedurende langere tijd grote bedragen onder zich heeft, biedt dat ook de mogelijkheid een hogere rentevergoeding voor de cliënt te ontvangen.'
Zie art. 455 Rv (roerende zaken); art. 507 Rv (onroerende zaken); en art. 474b Rv (effecten). Onder de baten in art. 474b Rv vallen burgerlijke vruchten, zoals dividend en rente, en andere voordelen, zoals bonussen, claims en stock dividend. Zie F.M.J. Jansen 1990, p. 101. Mijnssen & Van Mierlo 2009, p. 82 nemen aan dat de rente van een vordering ingevolge art. 455 lid2 Rv onder het beslag valt. Zie ook Tjon-En-Fa & Heemstra 2006 en Guillaume 2006. De bepalingen zijn niet van overeenkomstige toepassing zijn op conservatoir beslag. Vgl. art. 702 Rv. Zie HR 11 februari 2005, NJ 2006,44.
Zie anders voor het oude recht, art. 1204 BW (oud).
Zie Faber 2005, nr. 261 en 279; Asser/Van Mierlo & Van Velten 3-VI* 2010, nr. 212, 227 en 238.
Vgl. Faber 205, nr. 283 (vestiging bij voorbaat) en nr. 284 (van rechtswege).
395. De rentevorderingen ontstaan in beginsel in het vermogen van de schuldeiser van de hoofdvordering. Het is de vraag of de stille cedent ook bevoegd om deze rentevorderingen te innen. Een wettelijke bepaling ontbreekt. Een antwoord wordt gezocht aan de hand van een analyse van de andere rechtsfiguren waarbij een derde andermans vordering int. Deze rechtsfiguren kennen verschillende regelingen.
Is de hoofdvordering onder bewind gesteld, dan zijn de burgerlijke vruchten (in casu, de rentevorderingen) van rechtswege ook onder bewind gesteld.1 De vruchtgebruiker verkrijgt de rentevorderingen die tijdens het vruchtgebruik opeisbaar worden (art. 3:216 BW; vgl. art. 3:201 BW). De rentevorderingen ontstaan op het moment van opeisbaar worden in zijn vermogen; hij wordt daarvan van rechtswege de schuldeiser.2 De rentevorderingen zijn niet bezwaard met het recht van vruchtgebruik (art. 3:213 lid 2 BW). Bij een gemeenschappelijke vordering ontstaan de rentevorderingen van rechtswege in de gemeenschap, aangenomen dat de gezamenlijke deelgenoten niet alleen de schuldeiser van de hoofdvordering, maar ook de partij bij het rentebeding zijn.3
Bij de (notariële) kwaliteitsrekening kan de Minister regels vaststellen met betrekking tot de wijze van berekening en uitkering van de rente van de op de kwaliteitsrekening gestorte gelden (art. 25 lid 7 Wn). De rekeninghouder dient de ontvangen rente in beginsel aan de belanghebbende(n) te vergoeden, maar onder omstandigheden mag hij deze rente behouden.4 In dat laatste geval maakt de rekeninghouder uit eigen hoofde aanspraak op de opeisbare rente. Hij is dan deelgenoot in de gemeenschappelijke vordering uit hoofde van de kwaliteitsrekening.
Bij derdenbeslag ontbreekt een bepaling inzake de burgerlijke vruchten. Een dergelijke bepaling is voor de rechtspraktijk niet nodig, omdat het derdenbeslag doorgaans wordt gelegd op al hetgeen de derde aan de beslagene schuldig is of wordt uit een ten tijde van het beslag reeds bestaande rechtsverhouding (art. 475 Rv). Hieronder vallen ook de contractuele rentevorderingen die na de beslaglegging ontstaan. In de regelingen omtrent het executoriaal beslag op roerende zaken, onroerende zaken en effecten volgt uit de wettelijke bepalingen overigens wel dat de vruchten die het beslagen goed voortbrengt onder het executoriaal beslag vallen.5 Als de 'bate' in een vordering op een derde bestaat, valt zij niet onder het beslag dan nadat het beslag aan de derde is betekend; art. 475c, 476 en 478 zijn van overeenkomstige toepassing (art. 455 lid 2 Rv; vgl. art. 474b Rv).6
Ook de regeling van pand bevat geen wettelijke bepaling inzake de burgerlijke vruchten.7 Bij verpanding zal het pandrecht in de praktijk op vergelijkbare wijze als bij derdenbeslag ook op de rentevorderingen rusten, omdat partijen dit in de pandakte hebben bepaald. In de literatuur is door Faber en door Mijnssen verdedigd dat een pandrecht ook vanrechtswege op de rentevorderingen komt te rusten.8 Faber doelt daarmee zowel op een pandrecht van rechtswege in zuivere zin, als op de (impliciete) partijbedoeling, op grond waarvan bij voorbaat een pandrecht op de rentevorderingen wordt gevestigd.9 Hij knoopt aan bij de regeling van vruchtgebruik. Naar mijn mening ligt aansluiting bij de regeling van derdenbeslag meer voor de hand dan aansluiting bij de regeling van vruchtgebruik (of de regelingen van bewind en gemeenschap). De regelingen van pand en beslag hebben in veel opzichten meer met elkaar gemeenschappelijk dan de regelingen van pand en vruchtgebruik. Het valt op dat ook bij derdenbeslag een dergelijke bepaling ontbreekt. En anders dan bij beslag ontbreken bij pand en hypotheek zelfs bepalingen ten aanzien van verpande zaken en effecten en verhypothekeerde onroerende zaken op grond waarvan naar analogie zou kunnen worden verdedigd dat van rechtswege een pandrecht op de rentevordering komt te rusten. Naar mijn mening kan bij gebreke van een wettelijke bepaling alleen op grond van de partijbedoeling een (bij voorbaat gevestigd) recht van pand op de rentevorderingen worden geconstrueerd. Door uitleg van de pandakte kan worden vastgesteld of de pandhouder een pandrecht op de rentevorderingen heeft.
396. In de regeling van de stille cessie en de regeling van lastgeving ontbreekt een bepaling over de burgerlijke vruchten. De stille cedent kan de rentevorderingen van de stille cessionaris derhalve alleen innen, als dit uit de lastgeving volgt. Bij gebreke van een regeling daaromtrent, dient te worden aangenomen dat partijen stilzwijgend zijn overeengekomen dat de stille cedent bevoegd is om de rentevorderingen te innen. Als de stille cedent niet bevoegd is om deze vorderingen te innen, verhoudt zich dat slecht met het karakter van de stille cessie. Gaat de stille cessionaris namelijk over tot inning van deze vorderingen, dan zal dat beschouwd kunnen worden als het doen van mededeling in de zin van art. 3:94 lid 3 BW. De stille cedent int de rentevorderingen die zijn ontstaan vóór de stille cessie van de hoofdvordering als schuldeiser, en de rentevorderingen die daarna zijn ontstaan dan als lasthebber van de stille cessionaris. Gaat de stille cessionaris over tot inning van de rentevorderingen, dan zal daarin mededeling van de stille cessie besloten liggen.