De ex-werknemer
Einde inhoudsopgave
De ex-werknemer (MSR nr. 83) 2023/7.3:7.3 Slotoverwegingen
De ex-werknemer (MSR nr. 83) 2023/7.3
7.3 Slotoverwegingen
Documentgegevens:
Vincent Gerlach, datum 10-11-2022
- Datum
10-11-2022
- Auteur
Vincent Gerlach
- JCDI
JCDI:ADS687119:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wat zegt dit alles over de rechtsverhouding tussen de ex-werkgever en de ex-werknemer? Kort gezegd: dat deze bestaat en bestaansrecht heeft, maar de omgang daarmee een ongemakkelijke is. Als rode draad keert in de verschillende hoofdstukken terug dat de wetgever over het algemeen onvoldoende oog heeft gehad voor het bestaan van de postcontractuele rechtsverhouding. Soms worden er wel concrete regels gesteld voor de ex-werkgever en ex-werknemer en soms ook niet, zonder dat het als geheel, als systeem, duidelijk doordacht lijkt. Dat geeft een enigszins rommelig beeld. Toepasselijkheid van de arbeidsrechtelijke spelregels na het einde van de arbeidsovereenkomst kan per norm verschillen; ik noem hier overgang van onderneming (nee), reïntegratie (nee), beperkende bedingen (soms ja, soms nee), een boetebeding (soms nee, waarschijnlijk altijd), cao’s (vermoedelijk ja), het Stoof/Mammoet-kader (onduidelijk) en de WOR (nee). Dat betekent dat soms de ex-werknemer het arbeidsrechtis uitgezet en soms ook niet. Soms bleek dat er niet goed of onvoldoende over is nagedacht, of dat keuzes van de wetgever zijn gebaseerd op de gedachte dat er na het einde van de arbeidsovereenkomst toch niets meer is. Soms wordt de arbeidsovereenkomst enkel gezien als totstandkomingsvereiste, met een harde scheiding daarmee bij het einde; een ontkoppeling, met een eigen toepasselijk normenkader (zoals de Pw voor pensioen, en de ZW en WIA bij eigenrisicodragerschap). Dit alles miskent grotendeels het bestaan van de postcontractuele rechtsverhouding en dat wanneer partijen werkgever en werknemer zijn geweest, dit niet zomaar zonder betekenis wordt.
De consequenties daarvan zijn dat (a) er onduidelijkheden zijn ontstaan ten aanzien van hoe het wettelijk systeem zich verhoudt tot ex-werknemers en postcontractuele verbintenissen en overeenkomsten, (b) er onduidelijkheden zijn ontstaan in hoeverre wettelijke normen uit de contractuele fase toegepast moeten worden op de postcontractuele, en (c) dit nadelige of onbedoelde gevolgen kan hebben voor zowel de ex-werknemer als de ex-werkgever.
Het arbeids- en pensioenrecht werkt na of werkt niet na en er is geen keuzemenu waaruit naar believen kan worden gekozen. Ik bepleit een consistentere blik op de postcontractuele rechtsverhouding via een arbeidsrechtelijke visie. Na het einde van de arbeidsovereenkomst zetten werkgever en werknemer nu eenmaal hun rechtsverhouding voort met gewijzigde hoedanigheid van partijen. Dat betekent een taak voor de wetgever om knelpunten op te lossen door aanpassingen van de wet, voor de rechtspraak bij de toepassing van het recht, en niet te vergeten voor de (ex-)werkgever en (ex-)werknemer zelf wanneer zij afspraken maken.