RFR 2024/49
Kinderbescherming. Netwerkplaatsing. Familieprocesrecht. Geldt rechtsmiddelenverbod van art. 807 Rv ook voor beschikking ex art. 1:265d lid 2 BW?
HR 09-02-2024, ECLI:NL:HR:2024:212
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 februari 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, C.E. du Perron, C.H. Sieburgh, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink
- Zaaknummer
23/02287
- Conclusie
A-G mr. E.M. Wesseling-van Gent
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS956072:1
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Kinderbescherming
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:212, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑02‑2024
ECLI:NL:PHR:2023:1034, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 17‑11‑2023
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑06‑2023
- Wetingang
Samenvatting
De rechtbank heeft het ouderlijk gezag van moeder over de twee minderjarige kinderen beëindigd. De GI is als voogd over de kinderen benoemd. Het verzoek van moeder om de kinderen bij hun grootmoeder (mz) te plaatsen heeft de rechtbank afgewezen. In het door moeder ingestelde hoger beroep heeft het hof moeder niet ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot de netwerkplaatsing bij grootmoeder en de beschikking van de rechtbank bekrachtigd.
Moeder klaagt in cassatie dat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.