M en R 2022/96
Onrechtmatige overheidsdaad. Stankoverlast; artikel 8 EVRM/Wet geurhinder en veehouderij.
Rb. Den Haag 14-09-2022, ECLI:NL:RBDHA:2022:9119, m.nt. B. Arentz
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
14 september 2022
- Magistraten
Glass, Honée, Castermans
- Zaaknummer
C-09-594148-HA ZA 20-547
- Noot
B. Arentz
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS674171:1
- Vakgebied(en)
Milieurecht / Algemeen
Milieurecht / Inrichtingen en activiteiten - vergunningen
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2022:9119, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 14‑09‑2022
- Wetingang
(Art. 8 EVRM; Wet geurhinder en veehouderij)
Essentie
Onrechtmatige overheidsdaad. Stankoverlast; artikel 8 EVRM/Wet geurhinder en veehouderij.
Samenvatting
De rechtbank neemt als uitgangspunt – waarover volgens haar toch geen redelijke discussie zou kunnen bestaan – dat het onacceptabel is individuen min of meer permanent bloot te stellen aan een woonomgeving waarvan de milieukwaliteit ‘zeer slecht’ of ‘extreem slecht’ is geworden en de milieugezondheidkwaliteit ‘onvoldoende’ of ‘ruim onvoldoende’. Gezien de onder 4.14 genoemde cijfers is dat (op gebiedsniveau) aan de orde als de belasting 19,4 ou/m³ of hoger bedraagt, waarin is verdisconteerd dat personen in bepaalde gebieden meer geurhinder moeten dulden. Een dergelijke belasting – die maar liefst ongeveer vier maal ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.