NJFS 2019/13
Schadevergoeding op grond van art. 14l Sr indien geen vordering ex art. 14g Sr wordt ingediend.
Hof Arnhem-Leeuwarden 26-06-2018, ECLI:NL:GHARL:2018:6491
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
26 juni 2018
- Magistraten
Mrs. D.W.E.M. van der Wiel-Rammelo, J.J. Beswerda, L.G. Wijma
- Zaaknummer
0383-18
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2018:6491, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 26‑06‑2018
- Wetingang
Essentie
Schadevergoeding gewezen verdachte. Art. 14l Sr biedt ook grondslag voor vergoeding van schade voor ten onrechte ondergane voorlopige vrijheidsbeneming indien de kwestie van de tenuitvoerlegging eindigt met een afwijzing van de vordering tot voorlopige tenuitvoerlegging door de rechter-commissaris en er geen vordering volgt als bedoeld in art. 14g lid 1 Sr. De rechtsbijstandskosten in verband met de procedure van art. 14l Sr kunnen op grond van art. 591a Sv worden gecompenseerd.
Partij(en)
Beschikking d.d. 26 juni 2018 van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, meervoudige raadkamer, op het hoger beroep tegen een beschikking ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.