WR 2024/16
Woonruimte – kwalificatie overeenkomst: voortzetting gebruik door achterblijvers na overlijden huurder op grond van overeenkomst tussen verhuurder en achterblijvers; kwalificeert voortgezet gebruik als huur?
Hof Arnhem-Leeuwarden 25-07-2023, ECLI:NL:GHARL:2023:6291
- Instantie
Hof Arnhem-Leeuwarden
- Datum
25 juli 2023
- Magistraten
Mrs. M. Schoemaker, W.C. Haasnoot, G.H. Bunt
- Zaaknummer
200.308.727
- Noot
Red. Aant.
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS942244:1
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
Huurrecht / Algemeen
Huurrecht / Huur van woonruimte
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHARL:2023:6291, Uitspraak, Hof Arnhem-Leeuwarden, 25‑07‑2023
- Wetingang
Art. 7:268, 7:201 en 7:900 BW
Essentie
Woonruimte – kwalificatie overeenkomst: voortzetting gebruik door achterblijvers na overlijden huurder op grond van overeenkomst tussen verhuurder en achterblijvers; kwalificeert voortgezet gebruik als huur?
Samenvatting
In dit geval werd een woning bewoond door een gezin bestaande uit een moeder met inwonende, meerderjarige kinderen, waarbij de moeder de woning huurde en de kinderen geen medehuurder waren. Na het overlijden van de moeder is tussen de achterblijvende kinderen en de verhuurder een overeenkomst gesloten op grond waarvan de kinderen de woning nog zes maanden mochten blijven gebruiken tegen betaling van een vergoeding gelijk aan de laatst geldende huurprijs. Deze overeenkomst is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.