Inhoudsopgave
WFR 2025/76:Moeten alternatieve woonvormen leiden tot alternatieve criteria voor de btw?
WFR 2025/76
Moeten alternatieve woonvormen leiden tot alternatieve criteria voor de btw?
Documentgegevens:
Mr. M.P. van Ooij & mr. J. Veens, datum 10-03-2025
- Datum
10-03-2025
- Auteur
Mr. M.P. van Ooij & mr. J. Veens1
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:BSD1224:1
- Vakgebied(en)
Omzetbelasting (V)
Omzetbelasting / Algemeen
Omzetbelasting / Aftrek en teruggaaf
Omzetbelasting / Levering van goederen en diensten
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Omzetbelasting / Tarief
Omzetbelasting / Vrijstelling
- Wetingang
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De auteurs onderzoeken in hoeverre de huidige criteria voor de btw-kwalificatie ‘onroerend goed’ nog houdbaar zijn met (onder meer) de opkomst van alternatieve woonvormen. Zij komen tot de conclusie dat het ‘niet gemakkelijk te demonteren of te verplaatsen-criterium’ niet altijd voldoende houvast biedt om neutrale belastingheffing te garanderen.
1. Inleiding
De volkshuisvestingsopgave houdt heel Nederland bezig. Er moet snel woonruimte worden bijgebouwd. Daarbij wordt naast de traditionele huisvesting steeds vaker geïnvesteerd in alternatieve woonvormen. Voorbeelden van alternatieve woonvormen zijn flexwoningen zoals container- en prefabwoningen, tiny houses en zogenoemde kangoeroewoningen. Wij verwachten dat de opkomst van alternatieve woonvormen zich in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.