RBP 2017/57
(On)rechtmatig handelen van de Staat. Eenieder verbindende bepaling. Is de rechter bevoegd om te oordelen over de vraag of de regering artikel 11 van de Wet raadgevend referendum heeft geschonden?
Rb. Den Haag 12-04-2017, ECLI:NL:RBDHA:2017:3667
- Instantie
Rechtbank Den Haag
- Datum
12 april 2017
- Magistraten
Mrs. D.R. Glass, B. Meijer, M.C. Ritsema van Eck-van Drempt
- Zaaknummer
C-09-510607-HA ZA 16-553
- JCDI
JCDI:ADS926403:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Bestuursrecht algemeen / Overheid en privaatrecht
Staatsrecht / Grondrechten
Staatsrecht / Wetgeving
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBDHA:2017:3667, Uitspraak, Rechtbank Den Haag, 12‑04‑2017
- Wetingang
Art. 3, 11 Wet raadgevend referendum; art. 6:162 BW
Essentie
(On)rechtmatig handelen van de Staat. Eenieder verbindende bepaling.
Is de rechter bevoegd om te oordelen over de vraag of de regering artikel 11 van de Wet raadgevend referendum heeft geschonden?
Samenvatting
Deze zaak gaat over het raadgevend correctief referendum dat op 6 april 2016 in Nederland is gehouden over de Goedkeuringswet die, kort gezegd, betrekking had op de Associatieovereenkomst tussen de EU en haar lidstaten enerzijds en Oekraïne anderzijds. De uitslag van dit referendum, waarbij 61% van de stemmers zich in afwijzende zin heeft uitgesproken over de Goedkeuringswet, geldt als een raadgevende uitspraak tot afwijzing als ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.