NJF 2021/1
Mededingingsrecht. Gesteld misbruik van economische machtspositie door Buma/Stemra. Verzwaarde motiveringsplicht verweer.
Hof Amsterdam 15-09-2020, ECLI:NL:GHAMS:2020:2583
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
15 september 2020
- Magistraten
Mrs. P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten, D. Kingma, H. Struik
- Zaaknummer
200.256.847/01
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Auteursrecht
Mededingingsrecht / Algemeen
Mededingingsrecht / Economische machtsposities
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2022:1512, Uitspraak, Hof Amsterdam, 24‑05‑2022
ECLI:NL:GHAMS:2020:2583, Uitspraak, Hof Amsterdam, 15‑09‑2020
- Wetingang
Art. 6:162 BW; art. 24 Mw; art. 102 VWEU; art. 30a AW
Essentie
Mededingingsrecht. Gesteld misbruik van economische machtspositie door Buma/Stemra. Verzwaarde motiveringsplicht verweer.
Samenvatting
De appellanten sub 2 t/m 7 in deze zaak (‘ABMD-leden’) leggen zich toe op het tegen betaling beschikbaar stellen van achtergrondmuziek aan zakelijke gebruikers zoals horecagelegenheden, winkels en fitnesscentra. Appellante sub 1 is hun belangenorganisatie, ABMD. Voor ieder abonnement dat een ABMD-lid sluit met een afnemer, dient aan geïntimeerden Buma/Stemra (casu quo aan het Belgische Sabam) een auteursrechtelijke vergoeding te worden betaald. Het gaat in dit geding primair om de vraag of Buma/Stemra jegens de ABMD-leden onrechtmatig handelt door misbruik te maken van een machtspositie. Dit misbruik ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.