NJ 1938/919
Persoonlijke aansprakelijkheid van den directeur voor de betaling van aan de N. V. gedane leveranties wegens het niet voldaan zijn aan de verplichting tot storting van ten minste 10%? Storting door fourneering van gelden vóór de oprichting?
HR 10-06-1938, ECLI:NL:HR:1938:251, m.nt. Prof. E.M. Meijers
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 juni 1938
- Magistraten
Mrs. Jhr. Feith, van Gelein Vitringa, Kirberger, Nypels, Meckmann
- Zaaknummer
[10061938/NJ_1938_919]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Noot
Prof. E.M. Meijers
- JCDI
JCDI:ADS105874:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Economische ordening
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1938:251, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑06‑1938
- Wetingang
(WvK art. 36g, 38-39d, 40-42e.)
Essentie
Persoonlijke aansprakelijkheid van den directeur voor de betaling van aan de N. V. gedane leveranties wegens het niet voldaan zijn aan de verplichting tot storting van ten minste 10%? Storting door fourneering van gelden vóór de oprichting?
Samenvatting
Rechtb.: De tegen den directeur in privé ingestelde vordering is voor toewijzing vatbaar, daar de gestelde feiten niet wettigen de conclusie, dat de beweerde storting op de aandeden heeft plaats gehad. Immers van „storting" kan geen sprake zijn, zoolang de N. V. met een in aandeden verdeeld kapitaal nog niet is opgericht en als „storting" kan niet worden aangemerkt eene ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.