Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/5.9.2.1
5.9.2.1 Bestaande vordering
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS585921:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
Zie o.a. Pabbruwe 1983, p. 430-431; Bol11984, p. 103-104; Blomkwist 1986, p. 555; Pabbruwe 1994, p. 194; Bertrams 2004, par. 12.5.2 I nr. 12-68; Van Emden 2005, par. 6.2 (p. 42); Wibier 2009a, nr. 14. Verwarrend genoeg wordt deze vordering ook wel aangeduid als de bankgarantie. Vgl. Hof 's-Gravenhage 15 september 2009, JOR 20101136; Gerecht in Eerste Aanleg Curaçao 10 juli 1995, NJ 1997, 283.
De bankgarantie kan alleen worden ingeroepen door de beneficiary (de oude schuldeiser van de vordering waarvoor de bankgarantie is afgegeven), niet door de nieuwe schuldeiser. Zie Bertrams 2004, par. 12.5.3 /nr. 12-69. De zienswijze dat de vordering uit de bankgarantie een bestaande vordering onder opschortende voorwaarde is die van rechtswege op de nieuwe schuldeiser overgaat als een afhankelijk recht, terwijl het recht om de bankgarantie in te roepen bij de oude schuldeiser achterblijft, verdient m.i. niet te voorkeur. Vgl. Pabbruwe 1983, p. 430-431.
317. De vordering die ontstaat nadat de bankgarantie is ingeroepen, is een gewone vordering op naam die vatbaar is voor afzonderlijke overdracht, tenzij de vordering (bij voorbaat) krachtens partijbeding onoverdraagbaar is gemaakt (art. 3:83 lid 2 BW).1 Voor de overdracht is geen medewerking of toestemming van de garantor nodig. De vordering is geen afhankelijk recht of nevenrecht in de zin van art. 3:82 BW of art. 6:142 BW. De vordering gaat niet van rechtswege over met de vordering waarvoor de bankgarantie is afgegeven. Het is wei mogelijk om de vordering uit de bankgarantie afzonderlijk met de vordering waarvoor de bankgarantie is afgegeven, aan de nieuwe schuldeiser over te dragen. De toekomstige vordering uit de bankgarantie kan bij voorbaat worden geleverd.2 Onduidelijk is of de vordering uit de bankgarantie tenietgaat als de vordering jegens de principal tenietgaat, bijvoorbeeld omdat hij alsnog betaalt. Naar mijn mening cliënt te worden aangenomen dat de vordering in beginsel niet teniet gaat, maar dat het vorderen van nakoming van de garantor in een dergelijk geval bedrieglijk is.
Ook als de hoofdvordering stil wordt gecedeerd, gaat een vordering uit een ingeroepen bankgarantie niet als nevenrecht of afhankelijk over. De stille cedent kan de vordering als schuldeiser ten behoeve van de stille cessionaris innen. Of hij hiertoe gehouden is, volgt uit de rechtsverhouding tussen de stille cedent en de stille cessionaris. De vordering is ook voor afzonderlijke stille cessie aan de stille cessionaris vatbaar en kan dan, net als de hoofdvordering, door de stille cedent krachtens lastgeving worden geïnd. Ook is het mogelijk dat de vordering uit de bankgarantie openbaar wordt gecedeerd, zonder dat daardoor mededeling wordt gedaan in de zin van art. 3:94 lid 3 BW ten aanzien van de stil gecedeerde hoofdvordering. De vordering uit de bankgarantie heeft immers een andere schuldenaar dan de hoofdvordering.