NJ 1954/347
Aalmoezeniers vallen onder militaire rechtspraak.
HR 27-10-1953, ECLI:NL:HR:1953:221, m.nt. Prof. Mr. B.V.A. Röling
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
27 oktober 1953
- Magistraten
Mrs Fick, Feber, Vrij, Westerouen van Meeteren, Haga
- Zaaknummer
[271953/NJ_1954-347]
- Conclusie
Mr. Langemeijer
- Noot
Prof. Mr. B.V.A. Röling
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS109810:1
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht (V)
Bijzonder strafrecht / Militair strafrecht en strafprocesrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1953:221, Uitspraak, Hoge Raad, 27‑10‑1953
- Wetingang
(Invoeringswet militair straf- en tuchtrecht 1921 art. 76; Organisatiebesluit Rechtspleging te Velde 1944 art. 5; Sv art. 525.)
Essentie
Aalmoezeniers vallen onder militaire rechtspraak.
Samenvatting
De bevoegdheid van den Krijgsraad kan niet steunen op art. 77 Invoeringswet Mil. Straf- en Tuchtrecht, en deze wet bevat ook geen andere bepalingen, waarin die bevoegdheid t.a.v. het aan B. telaste gelegde feit haar grondslag zou kunnen vinden.
Komt den Krijgsraad te dezen rechtsmacht toe uit hoofde van art. 5 (aanhef en onder a) Organisatiebesluit Rechtspleging te velde 1944 (E no. 67)? Ontkennend beantwoord.
(Vervolg op H. R. 10 Maart 1953, N. J. 1953, no. 334 — Red.)
.
Uitspraak
[p. 680 ►]
De Hoge Raad, enz.; ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.