Levering en verpanding van toekomstige goederen
Einde inhoudsopgave
Levering en verpanding (O&R nr. 90) 2016/3.3.6.1:3.3.6.1 Actio Pauliana
Levering en verpanding (O&R nr. 90) 2016/3.3.6.1
3.3.6.1 Actio Pauliana
Documentgegevens:
mr. B.A. Schuijling, datum 28-01-2016
- Datum
28-01-2016
- Auteur
mr. B.A. Schuijling
- JCDI
JCDI:ADS478044:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Algemeen
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Goederenrecht / Zekerheidsrechten
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
TM, Parl. Gesch. Boek 3, p. 215; en MvA II, Parl. Gesch. Boek 3, p. 216.
Van der Feltz I, p. 419; en Kortmann & Faber 2-III 1995, p. 125.
HR 24 april 2009, NJ 2009/416, m.nt. P. van Schilfgaarde, JOR 2010/22, m.nt. N.E.D. Faber (Dekker q.q./Lutèce). Vgl. art. 51 lid 1 en 3 Fw. Zie ook Faber 2005/328.
Faber, noot bij HR 24 april 2009, JOR 2010/22 (Dekker q.q./Lutèce); en Van der Weijden 2012, p. 197-217.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
69. De actio Pauliana is het middel om rechtshandelingen te vernietigen die door de schuldenaar zijn verricht en waardoor zijn schuldeisers zijn benadeeld in hun verhaalsmogelijkheden. Buiten het faillissement (of wettelijke schuldsanering) van de schuldenaar kan een individuele schuldeiser aan art. 3:45 e.v. BW de bevoegdheid ontlenen om een benadelende rechtshandeling te vernietigen. Tijdens faillissement komt de bevoegdheid tot vernietiging bij uitsluiting toe aan de curator die haar uitoefent ten behoeve van de boedel. Deze faillissementspauliana is geregeld in art. 42 e.v. Fw.
Een geslaagd beroep op de actio Pauliana leidt tot de vernietiging met terugwerkende kracht van de bestreden rechtshandeling. Deze vernietiging heeft slechts relatieve werking. Met betrekking tot de actio Pauliana buiten faillissement komt dit tot uitdrukking in art. 3:45 lid 4 BW: een schuldeiser die wegens benadeling opkomt tegen een rechtshandeling, vernietigt deze slechts te zijnen behoeve en niet verder dan nodig is ter opheffing van de door hem ondervonden benadeling.1 Voor de actio Pauliana in faillissement geldt een vergelijkbare relatieve werking. De vernietiging werkt slechts ten opzichte van de boedel.2 Ook is de werking van de vernietiging beperkt tot de door de boedel ondervonden benadeling. De faillissementspauliana heeft geen verdere strekking dan dat de rechtsgevolgen van de vernietigde rechtshandeling niet kunnen worden ingeroepen voor zover de boedel door die rechtsgevolgen wordt benadeeld.3 Het aspect dat de vernietiging slechts werkt ten behoeve van bepaalde schuldeisers wordt ook wel aangeduid als de subjectieve relatieve werking. Daarnaast kan men het aspect dat de vernietiging van de rechtshandeling is beperkt tot het door deze teweeggebrachte nadeel aanmerken als de objectieve relatieve werking.4
Wanneer goederen op paulianeuze wijze worden verkregen, dan vallen zij volledig in het vermogen van de verkrijger. Zij worden zijn tegenwoordige goederen. Een geslaagd beroep op de actio Pauliana doet daar niet aan af. De relatieve werking van de actio Pauliana leidt slechts ertoe dat de benadeelde schuldeiser, c.q. de faillissementscurator hun verhaalsrechten met betrekking tot het goed kunnen voortzetten als ware het goed nog in het vermogen van de schuldenaar. Goederen die paulianeus uit het vermogen van de schuldenaar zijn verdwenen blijven aldus vatbaar voor verhaal door de individuele schuldeiser, c.q. worden alsnog betrokken in de afwikkeling van het faillissement. Hoewel vernietiging de geldigheid van de rechtshandeling niet aantast in de verhouding tussen de verkrijger en derden, ondervinden deze derden wel de gevolgen van een geslaagd beroep op de actio Pauliana. Derden die hun rechten op het goed (direct of indirect) ontlenen aan de vernietigde rechtshandeling, kunnen – behoudens bescherming op grond van art. 3:45 lid 5 BW of art. 51 lid 2 Fw – deze rechten niet tegenwerpen aan de schuldeiser, dan wel curator.