Belastingblad 2015/313
Het feit dat belanghebbende en haar zoon op het hoofdadres een gezamenlijke huishouding vormen wettigt het vermoeden dat dit ook geldt voor de recreatiewoning
Hof Amsterdam 07-05-2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:2002, m.nt. M.R.P. de Bruin
- Instantie
Hof Amsterdam
- Datum
7 mei 2015
- Magistraten
Mr. E.A.G. van der Ouderaa
- Zaaknummer
14.00334 en 14.00335
- Noot
M.R.P. de Bruin
- JCDI
JCDI:ADS272615:1
- Vakgebied(en)
Belastingen van lagere overheden (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:2015:2002, Uitspraak, Hof Amsterdam, 07‑05‑2015
Essentie
Het feit dat belanghebbende en haar zoon op het hoofdadres een gezamenlijke huishouding vormen wettigt het vermoeden dat dit ook geldt voor de recreatiewoning
Uitspraak
Uitspraak
op het hoger beroep van
[X] te [Q], belanghebbende,
tegen de uitspraak van 9 april 2014 in de zaken met kenmerk AMS 13/3222 en AMS 13/3223 van de rechtbank Amsterdam (hierna: de rechtbank) in het geding tussen
belanghebbende
en
de heffingsambtenaar van het Hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht, de heffingsambtenaar.
1. Ontstaan en loop van het geding
1.1.
De inspecteur heeft aan belanghebbende aanslagen waterschapsbelasting (zuiveringsheffing woonruimte) opgelegd voor de jaren ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.