JWWB 2018/46
Toepassen kostendelersnorm op bijstand van bij moeder inwonende zoon. Hoofdhuurder en medehuurder. Geen zakelijke relatie tussen bewoners onderling.
CRvB 09-01-2018, ECLI:NL:CRVB:2018:198
- Instantie
Centrale Raad van Beroep
- Datum
9 januari 2018
- Magistraten
Mrs. O.L.H.W.I. Korte, M. ter Brugge en J.T.H. Zimmerman
- Zaaknummer
16/5023 PW
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:CRVB:2018:198, Uitspraak, Centrale Raad van Beroep, 09‑01‑2018
- Wetingang
Art. 26 IVBPR; art. 1 Protocol 1, 8, 14 EVRM; art. 18 lid 1, 22a lid 1 Participatiewet
Essentie
Toepassen kostendelersnorm op bijstand van bij moeder inwonende zoon. Hoofdhuurder en medehuurder. Geen zakelijke relatie tussen bewoners onderling.
Samenvatting
Appellant heeft zijn hoofdverblijf in dezelfde woning als zijn AOW-ontvangende moeder en zijn beiden zorgbehoevend. De hoogte van de bijstand aan appellant is met toepassing van art. 22a lid 1 Participatiewet terecht vastgesteld op € 686,31 per maand, zijnde 50% van de norm voor gehuwden. Tussen de moeder (hoofdhuurder) en appellant (medehuurder) is geen sprake van een zakelijke relatie, zodat niet is voldaan aan de in art. 22a lid 4 aanhef en onder c Participatiewet opgenomen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.