Einde inhoudsopgave
Afscheiding van bestanddelen (O&R nr. 134) 2022/1.2.6
1.2.6 Deelbare en ondeelbare zaken
mr. J.C.T.F. Lokin , datum 01-03-2022
- Datum
01-03-2022
- Auteur
mr. J.C.T.F. Lokin
- JCDI
JCDI:ADS644791:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Algemeen
Goederenrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
D. 30, 26, 2 (Pomponius): Cum bonorum parte legata dubium sit, utrum rerum partes an aestimatio debeatur, Sabinus quidem et Cassius aestimationem, Proculus et Nerva rerum partes esse legatas existimaverunt. Sed oportet heredi succurri, ut ipse eligat, sive rerum partes sive aestimationem dare maluerit. In his tamen rebus partem dare heres conceditur, quae sine damno dividi possunt: sin autem vel naturaliter indivisae sint vel sine damno divisio earum fieri non potest, aestimatio ab herede omnimodo praestanda est. “Bij het legaat van een gedeelte van de boedel bestaat er twijfel over of aandelen in de individuele zaken verschuldigd zijn, dan wel de geschatte waarde ervan. Sabinus en Cassius hebben in dit verband gemeend dat de geschatte waarde, Proculus en Nerva echter dat er dan aandelen in de zaken zijn gelegateerd. Maar men behoort de erfgenaam te hulp te komen, en wel door hem zelf de keuze te laten maken of hij liever aandelen in de zaken dan wel de geschatte waarde wil geven. Voor zaken die zonder schade gedeeld kunnen worden staat men de erfgenaam toe een aandeel te geven; zijn zij echter van nature ondeelbaar, of kan deling ervan niet zonder schade geschieden, dan moet hoe dan ook de geschatte waarde door de erfgenaam betaald worden”. Zie ook: Baron (1896), p. 73-74; Dernburg I (1902), p. 172-173; Van Hemel (1998), p. 12.
D. 8, 4, 6, 1 (Ulpianus): Si quis partem aedium tradet vel partem fundi, non potest servitutem imponere, quia per partes servitus imponi non potest, sed nec adquiri. Plane si divisit fundum regionibus et sic partem tradidit pro diviso, potest alterutri servitutem imponere, quia non est pars fundi, sed fundus. Quod et in aedibus potest dici, si dominus pariete medio aedificato unam domum in duas diviserit, ut plerique faciunt: nam et hic pro duabus domibus accipi debet. “Indien iemand een gedeelte van een huis of een gedeelte van een stuk grond overdraagt, kan hij daarop geen erfdienstbaarheid vestigen, aangezien men een erfdienstbaarheid bij gedeelten noch kan vestigen, noch verwerven. Als hij het perceel grond in kavels verdeelt en dan een deel als afzonderlijke eenheid overdraagt, kan hij uiteraard wel op één van beide stukken een erfdienstbaarheid vestigen, aangezien het dan niet om een gedeelte van een perceel, maar om een zelfstandig perceel gaat. Dit kan ook gezegd worden met betrekking tot woonhuizen, wanneer een eigenaar door in het midden een muur te bouwen een huis in tweeën splitst, zoals velen doen; ook hier immers moet men het woonhuis als twee huizen beschouwen”.
Dernburg I (1902), p. 172.
Zaken zijn fysiek, dat wil zeggen in natuurlijke zin, deelbaar. Een schilderij is in tweeën te zagen, evenals een blok hout en een koe. Naast deze fysieke deelbaarheid bestond (en bestaat) ook een juridische deelbaarheid. Juridisch waren zaken naar Romeins recht niet altijd deelbaar. Een zaak was juridisch ondeelbaar als door de deling de zaak in haar aard werd vernietigd of als door de deling een waardeverlies optrad.1 Als de aard van de delen verschilde van de aard van het geheel, dan was een zaak ondeelbaar. Zo bezien was een schilderij ondeelbaar. Als een schilderij in tweeën werd gezaagd, dan waren de twee delen in hun aard niet gelijk aan de aard van het gehele schilderij. Daarnaast zorgde de deling ook voor waardeverlies, aangezien het schilderij als eenheid meer waard was dan de som van de waarde van de twee halve schilderijen. Een blok hout of een stuk grond waren daarentegen wel deelbaar. Een blok hout dat in tweeën werd gezaagd, leverde twee blokken hout op. Beide delen waren in hun aard gelijk aan het ongedeelde blok hout. Hetzelfde gold voor een stuk grond. Het verschil tussen een blok hout en het stuk grond was, dat de deling van het stuk grond kon geschieden door een denkbeeldige (juridische) grens te trekken.2 Voor onroerende zaken gold niet dat de deling fysiek moest zijn uitgevoerd, een juridische deling volstond.3