NJ 2024/57
Art. 34 Verordening Brussel I. Erkenning en tenuitvoerlegging; weigeringsgronden; strijdigheid met de openbare orde van de Europese Unie en de nationale openbare orde; begrip ‘openbare orde’; wederzijds vertrouwen; ‘quasi’-procedeerverboden.
HvJ EU 07-09-2023, ECLI:EU:C:2023:633, m.nt. C.G. van der Plas (Charles Taylor Adjusting)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
7 september 2023
- Magistraten
K. Jürimäe, M. Safjan, N. Piçarra, N. Jääskinen, M. Gavalec
- Zaaknummer
C-590/21
- Conclusie
A-G J. Richard de la Tour
- Noot
C.G. van der Plas
- Roepnaam
Charles Taylor Adjusting
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS945544:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Europees burgerlijk procesrecht
Internationaal privaatrecht / Internationaal erkennings- en executierecht
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2023:633, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 07‑09‑2023
ECLI:EU:C:2023:246, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie, 23‑03‑2023
- Wetingang
Art. 34 Verordening (EG) nr. 44/2001 (Verordening Brussel I)
Essentie
Verzoek om een prejudiciële beslissing krachtens art. 267 VWEU, ingediend door Areios Pagos (hoogste rechterlijke instantie, Griekenland) bij beslissing van 25 juni 2021.
Art. 34 Verordening Brussel I. Erkenning en tenuitvoerlegging; weigeringsgronden; strijdigheid met de openbare orde van de Europese Unie en de nationale openbare orde; begrip ‘openbare orde’; wederzijds vertrouwen; ‘quasi’-procedeerverboden.
Samenvatting
Art. 34 punt 1 Verordening Brussel I moet aldus worden uitgelegd dat een gerecht van een lidstaat de erkenning en tenuitvoerlegging van een beslissing van een gerecht van een andere lidstaat kan weigeren wegens strijdigheid met de openbare orde, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.