BNB 2018/23
Zaak Argenta. Weigering aftrek rentelasten die geen verband houden met financiering deelneming is in strijd met Moeder-dochterrichtlijn
HvJ EU 26-10-2017, ECLI:EU:C:2017:813, m.nt. R.J. de Vries (Argenta Spaarbank)
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
26 oktober 2017
- Magistraten
Da Cruz Vilaça, Tizzano, Levits, Borg Barthet, Berger
- Zaaknummer
C-39/16
- Conclusie
A-G Kokott
- Noot
R.J. de Vries
- Roepnaam
Argenta Spaarbank
- JCDI
JCDI:ADS172473:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Inbreuk op het gemeenschapsrecht
Vennootschapsbelasting / Deelnemingsvrijstelling
Europees belastingrecht / Richtlijnen EU
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Europees belastingrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2017:813, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 26‑10‑2017
ECLI:EU:C:2017:323, Conclusie, Hof van Justitie van de Europese Unie, 27‑04‑2017
- Wetingang
Art. 1 lid 2 en art. 4 lid 2 Moeder-dochterrichtlijn 1990
Essentie
Zaak Argenta. Weigering aftrek rentelasten die geen verband houden met financiering deelneming is in strijd met Moeder-dochterrichtlijn
Samenvatting
Argenta is een Belgische kredietinstelling. Zij ontvangt dividenden uit deelnemingen. Op grond van de Belgische wet moet dit dividend worden opgenomen in haar belastinggrondslag, maar wordt 95% ervan vervolgens in mindering gebracht van deze grondslag.
Argenta betaalt rente op leningen die niet zijn afgesloten om de deelnemingen te verwerven. De rentelasten zijn echter niet aftrekbaar tot een bedrag van de aftrekbare dividenden uit de deelnemingen die niet minstens één jaar zijn gehouden en ongeacht of er een causaal verband bestaat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.