NJ 1935, p. 708
Opdracht aan een commissionnair tot het nemen van een aandeel in eene geëmitteerde obligatleleening. Eigendom van het aandeel.
HR 20-12-1934, ECLI:NL:HR:1934:321, m.nt. Prof. Mr. Paul Scholten
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 december 1934
- Magistraten
Mrs. Visser, van Gelein Vitringa, Polak, de Menthon Bake, Servatius
- Zaaknummer
[20121934/NJ_1935,_p._708]
- Conclusie
Mr. Wijnveldt
- Noot
Prof. Mr. Paul Scholten
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS105022:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Economische ordening
Goederenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1934:321, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑12‑1934
- Wetingang
(BW art. 629; WvK art. 76-85.)
Essentie
Opdracht aan een commissionnair tot het nemen van een aandeel in eene geëmitteerde obligatleleening. Eigendom van het aandeel.
Samenvatting
[Een commissionnair ontvangt van verschillende personen, waaronder eischer, inschrijvingen op een emissie. Hij bericht aan eischer, dat hem een obligatie van f 500 is toegewezen, waarna eischer het benoodigde bedrag stort. De commissionnair overlijdt, zijn procuratiehouder stort het totale bedrag, waarvoor de commissionnair op eigen naam voor zijne cliënten had ingeschreven en neemt de obligaties in ontvangst. Tervolgens wordt de nalatenschap van den commissionnair in staat van faillissement verklaard. Eischer vordert het aandeel op. Vordering door het Hof niet-ontv. verklaard.] ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.